Voorkamerfibrillatie
Voorkamerfibrillatie (VKF) is de meest voorkomende hartritmestoornis bij volwassenen die 2 tot 4% van de wereldbevolking treft.
Wat is voorkamerfibrillatie?
Voorkamerfibrillatie (VKF) is de meest voorkomende hartritmestoornis bij volwassenen die 2 tot 4% van de wereldbevolking treft. Ongeveer 70% van de VKF-patiënten is 65-plusser. Vanaf de leeftijd van 55 jaar kan VKF bij één op drie personen optreden.
Voorkamerfibrillatie
Bij VKF is het elektrisch systeem ter hoogte van de voorkamers in het hart verstoord. De normale signaaloverdracht heeft plaats gemaakt voor chaotische elektrische activiteit in de voorkamers. Om die reden gaan de voorkamers fibrilleren (trillen). Deze onregelmatige prikkels worden doorgeleid naar de kamers waardoor deze ook onregelmatig en vaak te snel samentrekken. Door deze onregelmatige samentrekking van het hart zal het hart ook iets minder efficiënt bloed rondpompen in het lichaam, al is dat effect beperkt.
VKF uit zich op verschillende manieren en kan evolueren gedurende het leven: meestal treden eerst VKF-episodes op die spontaan overgaan. Na een tijdje duren deze episodes langer waardoor een interventie nodig zal zijn om het chaotische ritme te stoppen. Uiteindelijk kan op termijn VKF evolueren naar een permanente vorm waarbij we de ritmestoornis gaan aanvaarden. De ritmestoornis is niet levensbedreigend en je kan hier een perfect normaal leven mee leiden. We gaan op dit moment echter geen poging meer doen om het ritme te herstellen maar je behandelen zodat je geen of zo weinig mogelijk last hebt van de ritmestoornis.
Symptomen van voorkamerfibrillatie
Voorkamerfibrillatie kan aanleiding geven tot verschillende symptomen, zoals:
Hartkloppingen
Kortademigheid
Moeheid
Pijn op de borst
Het kan zijn dat je geen of slechts enkele van deze symptomen ervaart en de last die je ervan ondervindt in ernst kan variëren.
Let op: door het fibrilleren van de voorkamers, stroomt het bloed minder goed en vormen zich makkelijker bloedklonters die kunnen leiden tot een beroerte. Dat kan ook de eerste uiting zijn van voorkamerfibrillatie.
Gevolgen van voorkamerfibrillatie
Hoe kan je een beroerte tijdig herkennen?
Hoe sneller een beroerte behandeld wordt, hoe kleiner de hersenschade. Elke minuut telt. Daarom is het erg belangrijk de symptomen op tijd te herkennen en snel te reageren. Twijfel je of je met een beroerte te maken hebt? Doe dan de FAST-test.
Behandeling
Patiënten met VKF lopen meer risico op het krijgen van cardiovasculaire en neurologische aandoeningen zoals hartfalen en beroerte. De juiste behandeling kan in de meeste gevallen het aantal aanvallen van VKF duidelijk verminderen, verkorten en vooral draaglijk maken. Ondanks de beste behandeling is herval altijd mogelijk, maar kunnen de symptomen vaak toch beter gecontroleerd worden.
De behandeling van VKF bestaat uit 4 aspecten.
Ontstollingstherapie (bloedverdunners)
Bloedverdunning is het belangrijkste aspect van de behandeling. Het is bij VKF-patiënten belangrijk het risico op embolieën of een beroerte te verminderen ten gevolge van bloedklontervorming in de voorkamers. Daarom wordt bij VKF-patiënten het bloed meestal preventief verdund. Indien nodig, zal de arts bloedverdunners opstarten.
Waar moet je op letten?
Het is enorm belangrijk dat je je bloedverdunners altijd correct inneemt, ook als je je goed voelt. Soms kunnen VKF-episodes zonder dat je het weet of voelt optreden. Indien VKF niet aanwezig is, is er nog steeds een verhoogd risico op het ontwikkelen van bloedklontertjes in vergelijking met een persoon zonder VKF. Hoogstwaarschijnlijk zal je levenslang je bloedverdunner dienen in te nemen. Stop nooit op eigen initiatief met je medicatie, maar bespreek dit altijd eerst met je arts.
Bijwerkingen
Antistollingsmiddelen, ook wel bloedverdunners genoemd, zijn geneesmiddelen die de stolling van het bloed verminderen of vertragen. Het is belangrijk dat het bloed niet te veel stolt om de vorming van bloedklonters te voorkomen; anderzijds mag het bloed ook niet te weinig stollen, want dan kunnen er ongewenste bloedingen ontstaan. Of je in aanmerking komt voor een bloedverdunner en voor welke soort bloedverdunner je in aanmerking komt, zal worden besproken met je arts.
Niet-vitamine K antagonisten of NOACs
Tegenwoordig beschikken we ook over nieuwere medicatie. Deze medicijnen worden niet-vitamine K-antagonisten (of NOACs) genoemd, zoals Pradaxa®, Eliquis®, Xarelto® en Lixiana®. Het voordeel van deze bloedverdunners is dat met de juiste inname het bloed nooit te dik of te dun kan zijn. Daardoor zijn regelmatige bloedafnames minder frequent nodig. Daarnaast voorkomen ze beter beroertes dan de klassieke vitamine K-antagonisten.
- Het beschermend effect (voorkomen van bloedklonters) van Pradaxa® en Eliquis® zal afnemen na ongeveer 12 uur waardoor je deze medicatie twee keer per dag dient in te nemen, op dezelfde tijdstippen.
- Het beschermend effect van Xarelto® en Lixiana® duurt ongeveer 24 uur. Als je één van deze bloedverdunners inneemt, dien je deze één keer per dag in te nemen, op hetzelfde tijdstip.
Wanneer je je bloedverdunner bent vergeten in te nemen, moet je het pilletje toch nog onmiddellijk innemen tenzij de tijd tot je volgende dosis kleiner is dan de tijd tot je vergeten dosis. Als dit het geval is, neem dan de vergeten dosis niet meer in en vervolg de inname op de normale tijdstippen. Het voorbeeld hieronder illustreert wat je moet doen indien je je medicatie vergeet in te nemen.
Vitamine K-antagonisten (VKA)
In het verleden was er slechts één behandelingskeuze: vitamine K-antagonisten (of VKA zoals fenprocoumon, warfarine, acenocoumarol). Het effect van deze medicatie is soms moeilijk voorspelbaar waardoor regelmatige bloedcontroles noodzakelijk zijn om te weten of het bloed voldoende verdund is. Dat wordt bepaald door middel van de INR.
INR staat voor International Normalized Ratio en is een maat voor de bloedverdunning; met andere woorden hoe dik of hoe dun je bloed is. Van nature is de INR waarde gelijk aan 1. Indien je bloedverdunners neemt, bevindt de ideale INR waarde zich tussen de 2,0 en 3,0.
Kort gezegd: Hoe lager de INR-waarde, hoe dikker het bloed en hoe meer kans op het ontwikkelen van bloedklontertjes. Hoe hoger de INR-waarde, hoe dunner het bloed (en hoe gemakkelijker er eventueel bloedingen kunnen optreden). Een stabiele INR-waarde tussen 2.0-3.0 is dus van groot belang.
De werking van VKA’s kan namelijk schommelen door bijvoorbeeld veranderingen in de voeding. Vooral voeding rijk aan vitamine K zoals groene groenten kunnen een effect hebben op de bloedstolling net zoals de combinatie met bepaalde antibiotica, Sint-janskruid, … Vraag daarom steeds advies aan je arts wat je mag combineren of eten.
Je kan zelf een overzicht bijhouden van je INR-waarden. Zo kan je dit zelf ook mee opvolgen samen met je (huis)arts en eventueel ook meenemen naar een cardioloog.
- Wanneer je je VKA-bloedverdunner vergeet in te nemen, moet je de vergeten dosis altijd nog innemen: ofwel onmiddellijk ofwel samen met de volgende dosis.
Frequentiecontrole
Bij frequentiecontrole richten we ons op het vertragen van een te snel hartritme waardoor de pompfunctie van het hart efficiënter wordt en de symptomen van de patiënt verminderen of verdwijnen. Dit gebeurt aan de hand van geneesmiddelen zoals bètablokkers, calciumkanaalblokkers of digitalis. Deze medicatie kan zonder problemen langdurig genomen worden en geeft geen aanleiding tot bijzondere complicaties. De dosis en combinatie is bij elke patiënt anders.
Ritmecontrole
Het doel van ritmecontrole is het hartritme herstellen en vervolgens ook het normale regelmatige hartritme behouden.
Het herstellen van dit hartritme wordt cardioversie genoemd. Dit kan door het toedienen van een geneesmiddel of door middel van een elektrische stroomstoot. De patiënt wordt dan kortdurend in slaap gebracht. Opdat het normale hartritme ook behouden blijft, krijgen patiënten vaak ‘antiaritmica’ voorgeschreven. Dat is medicatie die de ritmestoornis tracht te voorkomen. In sommige gevallen is het mogelijk om de hartcellen in de hartwand die verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van de rimtestoornissen weg te branden of te vriezen. Die behandeling noemt men ablatie. Niet elke patiënt komt in aanmerking voor een ablatie. Deze behandeling wordt altijd met de cardioloog besproken.Het opsporen en behandelen van verschillende risicofactoren
De volgende risicofactoren dragen bij tot de ontwikkeling en de progressie van VKF:
- leeftijd
- verhoogde bloeddruk
- overgewicht
- bepaalde hartaandoeningen zoals hartkleplijden, coronair lijden, hartfalen, ...
- schildklieraandoeningen
- slaapapneu
- chronische ziektes zoals diabetes, COPD
- teveel alcohol
- roken
- duursporten (meer dan 3 uur intensief per week)
- teveel stress
- infecties
- verhoogde cholesterol
Het is belangrijk dat deze risicofactoren opgespoord en, indien mogelijk, ook behandeld worden. Hun behandeling kan bijdragen tot een verminderde kans op het ontwikkelen van VKF-episodes, maar kan ook belangrijk zijn om andere gevolgen van de aandoening te voorkomen. VKF is dus een soort van 'knipperlicht' dat waarschuwt dat er één of andere aanpak vereist is. Soms is er geen verklaarbare reden voor de ontwikkeling van VKF, maar dat is maar zelden.
- Zo kunnen een overactieve schildklier en suikerziekte met goede medicatie behandeld worden.
- De cardioloog of hartspecialist kan met de gepaste onderzoeken de hartkleppen evalueren, mogelijks hartfalen en zuurstoftekort van de hartspier opsporen en gepast behandelen.
- Een aantal van deze risicofactoren (waaronder overgewicht) kan je zelf helpen mee onder controle te houden. Door op je gewicht te letten, zal je je beter voelen, veel minder episodes VKF ontwikkelen, minder symptomen ervaren, en heb je minder kans om een beroerte te krijgen dan iemand met overgewicht.Ook deze kan je met je arts bespreken.
'Door langer dan 5 uur per week aan meer dan 80 procent van je maximale hartslag te sporten, verhoog je blijkbaar het risico op hartklachten.'
Peter
Klinische studies
Elk jaar nemen er in het UZA heel wat patiënten deel aan klinisch onderzoek via de dienst waar ze behandeld worden. Zij worden door hun arts gevraagd om hieraan eventueel deel te nemen. Soms zijn er echter ook studies waarvoor gezonde vrijwilligers gezocht worden.
Wat kunnen we voor jou betekenen?
Omdat de ritmestoornis vrij complex is en veel vragen kan oproepen, biedt het VKF-begeleidingsteam de nodige ondersteuning en opvolging aan jou als patiënt, je familie en je naasten. De cardiologen en de VKF-verpleegkundigen werken intensief samen om voor jou een individueel behandelplan op te stellen. Vanaf het vaststellen van de ritmestoornis word je nauw opgevolgd: we bieden je educatie en coaching op maat. Jouw arts kan je aanraden om een consultatie (gratis) bij de verpleegkundigen van het VKF-begeleidingsteam in te plannen, of je kan zelf beslissen of je nood hebt aan meer educatie en/of coaching en een afspraak bij het VKF-begeleidingsteam maken via onderstaand telefoonnummer en/of e-mailadres. Dat is een extra moment om je vragen te kunnen stellen.
Daarnaast proberen we steeds de laatste nieuwe richtlijnen en technieken toe te passen, zodat we een nog betere gepersonaliseerde zorg kunnen bieden.
Het VKF-begeleidingsteam staat tijdens de kantooruren telkens klaar om je vanop afstand bij te staan of vragen te beantwoorden. Zo werken we samen met jou naar een zo goed mogelijke levenskwaliteit.
Waarvoor kan je bij ons terecht?
- consultatie op maat (dit vervangt je consultatie bij de arts niet, maar is een extra contactmoment)
nauwkeurige en regelmatige opvolging - uitleg over de ritmestoornis zelf en de behandeling ervan (waaronder ook cardioversie en ablatietechnieken).
- opvolgen van je gegevens op afstand via bepaalde applicaties (geen vereiste)
- consultatie op maat (dit vervangt je consultatie bij de arts niet, maar is een extra contactmoment)
Maak een afspraak
Contact
Cardiologie UZA | VKF-begeleidingsteam
Niet beschikbaar
Leven met
Therapietrouw
Naast het aannemen van een gezonde levensstijl, is het bij patiënten met VKF van cruciaal belang dat ze hun medicatie dagelijks goed innemen. De medicatie die je neemt, wordt meestal voorgeschreven ter preventie van bepaalde ziekten. Je zal het effect misschien niet voelen, maar ze hebben wel degelijk een effect. Zo zullen de bloedverdunners ervoor zorgen dat het risico op beroerte drastisch afneemt. De medicatie die het hartritme controleert, zal ervoor zorgen dat er minder klachten door VKF worden veroorzaakt en dat je hart op langere termijn in betere conditie blijft.
Bepaalde medicatie is maar 100% actief gedurende enkele uren (tot een dag). Het is daarom van belang dat ze op het juiste uur worden ingenomen.
Indien je meerdere medicijnen neemt, is een medicatieschema en/of een medicatiedoosje een handig hulpmiddel om ervoor te zorgen dat je dagelijks op hetzelfde tijdstip je medicatie correct inneemt. Je apotheker kan je hierbij ook helpen.
Gewichtscontrole
BMI
BMI of body mass index is een getal dat vertelt of je te licht of te zwaar bent in verhouding tot je lichaamslengte. Je kan zelf je BMI berekenen aan de hand van deze formule:
BMI = Gewicht (in kilogram) / Lengte² (in meter)
Vb. BMI bij iemand die 82kg weegt en 1,88m meet: BMI = 82 / (1.88)2 = 23.2 kg/m2
Hoe moet je deze waarden interpreteren?
Overgewicht (BMI>25) en obesitas (BMI>30) zijn geassocieerd met verschillende aandoeningen zoals suikerziekte, slaapapneu, hoge bloeddruk, verhoogde cholesterol en gaat gepaard met een verhoogd risico op het ontwikkelen van VKF of het verergeren van VKF. Door een gezond gewicht na te streven kan je deze aandoeningen beter aanpakken of vermijden en heeft het een positieve invloed op de ernst van de symptomen, veroorzaakt door VKF!
Op je voeding letten en fysiek actief zijn, helpen om een gezond gewicht na te streven. Soms kan de hulp van een diëtiste van pas komen…
Dieettips
Een gezond en gebalanceerd dieet is bij patiënten met VKF zeker aangeraden. Je gewicht blijft zo beter onder controle en het heeft ook een positief effect op een aantal risicofactoren die VKF kunnen uitlokken (vb. verhoogde bloeddruk). Het is aangeraden om toch 5 porties groenten of fruit te eten per dag zodat je lichaam voldoende mineralen en vitaminen kan opnemen om te functioneren. Probeer ook zo veel mogelijk verschillende soorten groenten en fruit te eten en bereid ze op verschillende manieren (rauw, gekookt, gestoofd,…).
Beperk ook zeker je zoutgebruik. Het geeft misschien meer smaak aan je eten maar het heeft ook zijn nadelige effecten zoals een verhoogde bloeddruk.
Bij patiënten met een reeds verzwakt hart, zorgt zoutbeperking ervoor dat er minder vocht wordt bijgehouden. Zo voorkom je dat dit extra vocht zich kan opstapelen in de benen en longen waardoor je dikke voeten en kortademigheid kan vermijden.
Je voeding bevat ook allerlei soorten vetten. De onverzadigde vetten, dat zijn vetten die niet stollen op kamertemperatuur (zoals avocado , noten, olijfolie), zijn gezonder dan de verzadigde vetten (zoals in boter, kaas, worst, schapenvlees, …). De gezondere poly-onverzadigde vetten zijn meestal plantaardige oliën en zijn rijk aan vitamine E en omega 3. Probeer bij de bereiding van een maaltijd de vetstoffen te beperken tot 1 eetlepel. Als je vetstoffen gebruikt bij je boterham, gebruik dan 1 mespunt per snede.
Cholesterol
Je voeding bevat ook allerlei soorten vetten. De onverzadigde vetten, dat zijn vetten die niet stollen op kamertemperatuur (zoals avocado , noten, olijfolie), zijn gezonder dan de verzadigde vetten (zoals in boter, kaas, worst, schapenvlees, …). De gezondere poly-onverzadigde vetten zijn meestal plantaardige oliën en zijn rijk aan vitamine E en omega 3. Probeer bij de bereiding van een maaltijd de vetstoffen te beperken tot 1 eetlepel. Als je vetstoffen gebruikt bij je boterham, gebruik dan 1 mespunt per snede.
In het bloed kan ook het cholesterolniveau gemeten worden:
Verzadigde vetten, zoals in boter – kaas – worst, en transvetten zoals in snacks – chips – gebak, verhogen je cholesterolwaarden in het bloed. Als je cholesterol te hoog is, kan dit zich opstapelen in de wand van de bloedvaten waardoor deze gaan dichtslibben. De bloedvoorziening komt in het gedrang en organen krijgen te weinig zuurstof. Zo kan er bijvoorbeeld een hartaanval uitgelokt worden of kan je een beroerte doormaken.
Cholesterol wordt gemakkelijk gemeten in het bloed en wordt regelmatig bij hartpatiënten opgevolgd.
Cholesterol kan je zelf onder controle houden door op je voeding te letten, dagelijks te bewegen en door af te vallen indien je wat te veel weegt. Soms schrijft je arts medicatie voor om je cholesterol te doen dalen in je bloed (statines).
Tabel: Voedingskeuzes om LDL-cholesterol te verlagen en het totale lipoproteïneprofiel te verbeteren
Te verkiezen Met mate te gebruiken Slechts af en toe in beperkte hoeveelheden te kiezen Granen Volkoren granen Geraffineerd brood, rijst en pasta, biscuits, cornflakes Gebakjes, muffins, taarten, croissants Groenten Rauwe en gekookte groenten Aardappelen Groenten bereid in boter of room Peulvruchten Linzen, bonen, tuinbonen, erwten, kikkererwten, sojaboon Fruit Vers of diepgevroren fruit Gedroogd fruit, gelei, jam, ingeblikt fruit, sorbets, waterijsjes, fruitsap Snoep en zoetstoffen Niet-calorische zoetstoffen Sucrose, honing, chocolade, snoep/zoetigheden Taarten, ijs, fructose, frisdranken Vlees en vis Mager en vette vis, gevogelte zonder vel Magere stukken rund, lam, varken en kalf, zeevruchten, schelpdieren Worstjes, salami, spek, ribben, hotdogs, orgaanvlees Zuivel en eieren Magere melk en yoghurt Halfvolle melk, magere kaas en andere melkproducten, eieren Gewone kaas, room, volle melk en yoghurt Kookvet en dressings Azijn, mosterd, vetvrije dressings Olijfolie, niet-tropische plantaardige oliën, zachte margarines, slasaus, mayonaise, ketchup Transvetten en harde margarines (beter vermijden), palm-, kokosolie, boter, varkens-, spekvet Noten/zaden Alles, ongezouten (behalve kokos) Kokos Bereidingswijzen Grillen, koken, stomen Roerbakken, roosteren Frituren Bewegen
Alle soorten van fysieke activiteit (wandelen, joggen, fietsen, …) zijn gezond voor hart en bloedvaten. Hierdoor houd je ook je gewicht onder controle en heeft het een positief effect op je bloeddruk. Een verhoogde bloeddruk en overgewicht zijn risicofactoren die bijdragen tot de ernst van VKF.
Buiten het positieve effect op VKF, verlaagt sporten ook het je risico op een hartaanval of beroerte.
- Het is aangeraden om toch gemiddeld 5 dagen per week gedurende 30 minuten per dag (met sessies van minimum 10 minuten) aan matige inspanning te doen. Dit kan je doen door bijvoorbeeld te fietsen, een stevige wandeling te maken, de trap te nemen, te tuinieren, te golven, …
- Je kan deze 30 minuten per dag ook indelen naar keuze door bijvoorbeeld 2 x 15 min te fietsen of 3 x 10 min goed door te wandelen.
- Je kan ook meer fysieke activiteiten in je dagelijks leven inbouwen door bijvoorbeeld te voet kleine boodschappen te gaan doen in plaats van met de auto, de trap te nemen op je werk in plaats van de lift…
- Naast de dagelijkse beweging, wordt ook aangeraden om zeker 2 maal per week gedurende 15 minuten, een intensieve inspanning te doen zoals zwemmen, tennis, joggen, de tuin omspitten…
Dit draagt bij tot je algemene gezondheid en houdt de risicofactoren voor VKF onder controle.
Ben je ongetraind? Dan kan je best rustig opbouwen en bijvoorbeeld starten met enkele minuten een iets zwaardere inspanning te doen.
Aan de andere kant kan je best niet overdrijven met sporten. Als je dagelijks langdurig een zware inspanning doet kan dit het risico op VKF zelfs doen toenemen. Inderdaad, een vervelend ‘sportletsel’ bij intensieve duursporters (fietsers, marathonlopers, triatleten, …) is dat ze VKF kunnen ontwikkelen.
Dus sport, maar met mate! Laat je eventueel begeleiden…
Bloeddruk
Een goed gecontroleerde bloeddruk zorgt voor minder VKF-episodes, minder klachten en een kleinere kans op orgaanschade en beroertes.
Bij elke hartslag varieert de bloeddruk en deze wordt uitgedrukt in een maximale of bovendruk (of systolische bloeddruk) en een minimale of onderdruk (of diastolische bloeddruk).
De bloeddruk varieert ook gedurende de dag, dus het moment waarop je hem meet is van belang. De bloeddruk stijgt dan in de loop van de dag. Meet je bloeddruk minstens 1 uur na inname van de bloeddrukmedicatie.
De ideale bloeddrukwaarden in rust zijn een bovendruk rond de 120 mmHg en een onderdruk rond de 80 mmHg of anders gezegd: bloeddrukwaardes rond de 120/80 mmHg of 12/8 cmHg.
Je arts zal je misschien vragen om zelf je bloeddruk thuis te meten zodat hij een beter inzicht heeft hoe goed de bloeddruk in het dagelijkse leven gecontroleerd is. Je kan dan best minstens 1 keer per week je bloeddruk meten en dit ter hoogte van de bovenarm (en niet ter hoogte van de pols). Doe dit op een rustig moment en niet vlak na een inspanning. Noteer de boven- en onderdruk, samen met de datum en het tijdstip.
Er zijn verschillende gemakkelijke toestellen beschikbaar bij je apotheek om de bloeddruk te meten.
Een te hoge bloeddruk kan zo tijdig opgespoord worden en je arts zal de nodige stappen ondernemen om deze aan te pakken. Dit kan met het advies om op je voeding te letten of wat meer te bewegen. Maar soms zal hij ook medicatie voorschrijven.
Alcoholgebruik
Alcoholgebruik is een risicofactor voor VKF en kan VKF uitlokken. Daarnaast kan het ook voor problemen zorgen indien je bloedverdunners (en sommige andere medicatie) neemt waardoor je bloed nog dunner wordt.
Ook verhoogt alcohol het risico op andere hartziekten en andere aandoeningen (darmkanker, leverziekte,…).
Matig dus je alcoholgebruik: Een maximum van 3 eenheden alcohol per week is aangeraden.
Roken
Het roken van sigaretten is zeer schadelijk en zorgt bij VKF-patiënten ervoor dat hun symptomen gemakkelijker terugkomen. Hoe meer dat je rookt, hoe groter de kans wordt.
- Roken tast de bloedvaten aan. De stoffen die vrijkomen zorgen ervoor dat het hart sneller klopt en dat de bloeddruk verhoogt waardoor het hart harder moet werken.
- Roken zorgt er ook voor dat het bloed gemakkelijker klontert waardoor het risico op een beroerte of een hartaanval alleen maar toeneemt.
- Naast de schadelijke effecten op hart en bloedvaten, zorgt roken ook voor andere (levensbedreigende) ziekten zoals de gekende rokerslongen, verschillende kankers, …
Rookstopbegeleiding
Tijdens rookstopbegeleiding werken we samen een plan van aanpak uit. We brengen je rookgedrag in kaart en bekijken wat rookstop voor jou betekent. Daarnaast hebben we aandacht voor zowel de nicotineafhankelijkheid als de gewoontes en situaties waarin je rookt.
Je krijgt duidelijke uitleg, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, over wat de kans op een succesvolle rookstop vergroot. Die kennis vertalen we samen naar jouw situatie, zodat het plan haalbaar en persoonlijk blijft.
Uit onderzoek blijkt dat de kans op een succesvolle rookstop met begeleiding 2 tot 4 keer zo groot is in vergelijking met stoppen op eigen houtje.
Je hoeft nog niet zeker te zijn dat je wil stoppen. Ook bij twijfel of vragen ben je welkom.
Wil je een afspraak maken?
Mail naar Fien Verwimp (Tabakoloog) via fien.verwimp@uza.be.
Fien werkt van maandag tot en met vrijdag tussen 9:00u en 17:00u.
Wens je een afspraak 's avonds of in het weekend?
Dan verwijzen we je graag door naar collega’s in jouw buurt via www.tabakologen.be.Iedereen heeft recht op 8 terugbetaalde individuele sessies per jaar (half uur per sessie).
-Zonder verhoogde tegemoetkoming: €15 per sessie nog zelf te betalen.
- Met verhoogde tegemoetkoming: €2 per sessie nog zelf te betalen.Slaapapneu
Snurken, een verstoorde ademhaling of overmatige slaperigheid overdag zonder duidelijk tekort aan nachtrust zijn mogelijks tekenen van obstructief slaapapneu.
Dat betekent dat je tijdens de slaap een korte ademstilstand doet of zeer oppervlakkig ademhaalt. Deze tekenen zijn niet zorgwekkend wanneer dit af en toe gebeurt, wel wanneer dit elke nacht frequent gebeurt. Meestal weet je niet dat je dit hebt, en is het je partner die deze verstoorde ademhaling opmerkt.
Bij VKF-patiënten kan slaapapneu VKF-episodes uitlokken en kan de ernst van VKF toenemen over de loop van de tijd. In het algemeen kan dit nadelig zijn voor het hart.
Indien je regelmatig last hebt van deze symptomen (snurken, verstoorde ademhaling, overmatige slaperigheid) is het nuttig om dit verder te onderzoeken. Vermeld dit zeker aan je arts.
Afspraken en controles
Patiënten met voorkamerfibrillatie dienen goed opgevolgd te worden en dienen hun raadplegingen dus ook na te komen:
- Je huisarts of specialist zal elke keer op raadpleging de verschillende risicofactoren van VKF controleren zoals de bloeddruk, je gewicht, … Dit is belangrijk om de kans op een beroerte op te sporen en zo nodig gepaste medicatie te starten (bloedverdunners).
- Daarnaast is het zeker van belang om je klachten omtrent VKF duidelijk te maken. Zo kan je arts bepaalde stappen ondernemen om de klachten zo mogelijk te verhelpen (vb. dosisaanpassing).
- Gezien VKF-patiënten meestal verschillende pilletjes nemen, dient er af en toe bloed genomen te worden ter controle.
Veelgestelde vragen
Wat kan ik doen tijdens een VKF-episode?
De juiste behandeling kan in de meeste gevallen het aantal episodes duidelijk verminderen, verkorten en vooral draaglijk maken. Ondanks de beste behandeling is herval altijd mogelijk, maar kunnen de symptomen toch gecontroleerd worden. Bij een goede behandeling van je ritmestoornis is het niet nodig om je direct ongerust te maken wanneer je een VKF-episode ervaart. Het is dus ook niet nodig om elke keer wanneer je een VKF-episode doormaakt naar de huisarts of spoedgevallen te gaan.
Indien je je niet goed voelt, de VKF-episode verergert of niet spontaan overgaat na meerdere uren, contacteer dan de verpleegkundigen van het VKF-begeleidingsteam, je (huis)arts of bel bij een urgentie (bv. drukkende pijn op de borst, extreme kortademigheid, flauwvallen,…) het nummer 112.
Wat te doen bij neusbloedingen als ik bloedverdunners neem?
Mineure bloedingen zoals neusbloedingen kunnen vaker voorkomen bij personen die bloedverdunners nemen. Dit kan best opgelost worden door plaatselijke druk toe te dienen. De bloedverdunner dient zeker niet gestopt te worden.
- Bij een neusbloeding knijp je met je vingers, net onder het neusbeen, de neusvleugels dicht. En dit met het hoofd ligt voorovergebogen zodat het bloed niet in je keel loopt.
- Eventueel kan ijs gelegd worden op de neus zodat het bloed sneller stolt.
- Bij ernstige neusbloedingen contacteer je best een arts.
Indien je regelmatig neusbloedingen hebt, vermeld je dit aan je arts die samen met jou een gepaste oplossing zal zoeken indien nodig.
Wat als ik bloedverdunners neem en een ingreep moet ondergaan?
Afhankelijk van welk soort operatie je ondergaat, kan het zijn dat je gedurende enkele uren of dagen je bloedverdunnende medicatie dient te onderbreken. Ook ingrepen bij een tandarts (zoals het trekken van een tand) kunnen zorgen voor bloedingen, waardoor je je bloedverdunner mogelijks die dag niet mag nemen.
Bespreek dit altijd met je arts. Stop niet op eigen initiatief deze medicatie, anders loop je het risico om bloedklontertjes te vormen in je hart.
Wat als ik mijn bloedverdunner ben vergeten te nemen?
VKA
Wanneer je je bloedverdunner bent vergeten in te nemen, dan neem je best de vergeten dosis onmiddellijk in of samen met de volgende dosis.
NOAC
Wanneer je je bloedverdunner bent vergeten in te nemen, moet je het pilletje toch nog onmiddellijk innemen tenzij de tijd tot je volgende dosis kleiner is dan de tijd tot je vergeten dosis. Als dit het geval is, neem dan de vergeten dosis niet meer in en vervolg de inname op de normale tijdstippen. Het voorbeeld hieronder illustreert wat je moet doen indien je je medicatie vergeet in te nemen.
Welke pijnstillers mag ik nemen?
Bepaalde medicatie (bv. NSAID's) versterkt het effect van je ontstollingstherapie waardoor bloedingen gemakkelijker optreden of moeilijker te stoppen zijn. Deze combinatie kan best vermeden worden. Vraag altijd raad aan je arts of je deze medicatie mag combineren met je bloedverdunner.
Kan ik een normaal leven leiden met VKF?
VKF kan niet genezen worden, maar door een goede behandeling kunnen de symptomen wel goed onder controle gehouden worden en mogelijke gevolgen voorkomen worden. Je kan dus perfect een normaal leven leiden.
Wel zijn er bepaalde factoren waar je zelf rekening mee kan houden, zoals bijvoorbeeld overgewicht, alcohol en cafeïnegebruik, roken, stress en slaaptekort die de hartritmestoornis in de hand zouden kunnen werken. De invloed voor elk van deze factoren op VKF is voor elke patiënt echter anders.
Kan ik sporten met VKF?
Sporten is gezond en kan VKF helpen voorkomen. Het aanbevolen advies om te sporten volgens de Europese richtlijnen is als volgt:
- Doorheen de dag actief bezig zijn aan lichte intensiteit (vb. rechtstaan, koken, stappen).
- Daarnaast is extra inspanning nodig:
- 150-300 min/week matig intensief bewegen (vb. fietsen naar het werk, harken) = 5 dagen 30-60 min/dag.
- OF 75-150 min/week hoog intensief bewegen (vb. stevig doorfietsen, joggen, ... dus activiteiten waarbij je gaat zweten).
- OF 150 min/week bewegen aan matige en hoge intensiteit combineren.
Belangrijk: je persoonlijke advies van je behandelend specialist kan hiervan afwijken. Stel steeds het advies van je arts voorop!
Wat is het verschil tussen VKF en een voorkamer flutter?
- Bij voorkamerfibrillatie ontstaat er chaotisch elektrische activiteit op verschillende plaatsen in de voorkamers waardoor ze gaan trillen of fibrilleren. Je kan dit detecteren als een onregelmatige en vaak te snelle hartslag.
- Bij voorkamerflutter zijn het geen chaotische prikkels maar wel meer regelmatige elektrische circuits die de voorkamers gaan stimuleren. Omdat hier nog een zekere regelmaat in het signaal zit, zal er een snelle maar regelmatige hartslag merkbaar zijn.
Ondanks deze verschillen, worden beide ritmestoornissen hetzelfde behandeld.