Anticoagulantia
Anticoagulantia of antistollingsmiddelen zijn geneesmiddelen die het stollingsproces in het lichaam remmen. Ze voorkomen dat er bloedstolsels in de bloedbaan ontstaan.
Synoniemen
Binnenkort naar het UZA?
Heb je binnenkort een afspraak bij het UZA of kom je iemand bezoeken? Beantwoord enkele vragen en krijg handige tips voor je UZA-bezoek, van thuisvoorbereiding tot navigatie in het ziekenhuis.
Maak een afspraak
Cardiochirurgie
Wat zijn anticoagulantia?
Anticoagulantia worden ook wel 'bloedverdunners' genoemd. Dat is eigenlijk geen juiste naam. Het bloed wordt namelijk niet dunner, het stolt alleen minder snel. Stolling zorgt ervoor dat een bloeding stopt. Denk bijvoorbeeld aan het korstje op
een wonde. Maar ook de wanden van een ader of slagader kunnen beschadigd worden. De bloedplaatjes kleven samen en vormen een stolsel om de wonde af te sluiten.
Bij sommige mensen is de bloedstolling overactief. Er vormen zich klonters op plaatsen waar het niet nodig is. Zo kunnen klonters ontstaan in bijvoorbeeld de benen, longen, hersenen en het hart. Deze klonters kunnen ernstige schade veroorzaken, soms zelfs met de dood tot gevolg.
De arts schrijft antistollingsmiddelen of ‘anticoagulantia’ voor om de vorming en de groei van bloedstolsels tegen te gaan. Omdat deze medicatie de bloedstolling remt, moet je goed opletten voor bloedingen. Die zullen namelijk minder snel stoppen.
Vitamine K is een stof die de stolling bevordert. 'Antivitamine K-anticoagulantia', zoals Marevan (warfarine), Sintrom (acenocoumarol) en Marcoumar (fenprocoumon), werken vitamine K tegen. Nieuwere soorten anticoagulantia, zoals Eliquis
(apixaban), Xarelto (rivaroxaban), Pradaxa (dabigatran), Lixiana (edoxaban) werken in op andere stoffen.
Anticoagulantia worden voorgeschreven aan onder andere patiënten met eenkunstklep en bij atriumfibrilleren (voorkamerfibrilleren).
Hoe neem je anticoagulantia?
De dosis anticoagulantia is bij elke patiënt anders en hangt af van je probleem, eventuele andere ziektes, de andere medicijnen die je neemt en je voeding. Neem elke dag de juiste dosis op een vast tijdstip. Volg de instructies van je
arts. Een foute inname kan ernstige gevolgen hebben.
De dosis (Antivitamine K)
Afhankelijk van je probleem, eventuele andere ziektes en medicatie zoekt de arts naar de juiste balans. Te veel anticoagulantia kunnen bloedingen veroorzaken. Maar te weinig anticoagulantia geeft risico op ongewenste bloedstolsels. Sommige mensen nemen 1 of 2 tabletten per dag, anderen een halve tablet of minder. De dosis kan in de loop van de tijd veranderen. Voeding kan een invloed hebben op de bloedwaarden. Het lichaam neemt vitamine K immers ook op uit voeding zoals groene bladgroenten, koolsoorten, plantaardige olie, lever en eidooier. Omdat je elke dag anders eet, schommelen de bloedwaarden.
Het tijdstip
Neem anticoagulantia in op een vast tijdstip.
Ben je je tabletten een dag vergeten in te nemen?
Neem dan nooit de vergeten tabletten de volgende keer in. Neem gewoon je volgende tablet volgens hetzelfde schema.De wijze
Orale anticoagulantia zijn tabletten die je via de mond inneemt. Slik de pillen bij voorkeur in hun geheel door met water.
De opvolging
Bij het gebruik van antivitamine K-anticoagulantia moet je bloedwaarde (de INR) goed gecontroleerd worden. In het begin gebeurt dat 1 tot 2-maal per week totdat de juiste dosis bepaald is. Nadien kom je regelmatig, maar minder vaak op controle.
Bij de vitamine K-onafhankelijke orale anticoagulantia zijn geen frequente bloednames nodig. Voor de start van de behandeling en ten minste elke zes maanden wordt je nierfunctie (bloedname) gecontroleerd. Bij nierproblemen zal de medicatie gestopt of de dosis verlaagd moeten worden
Waarop moet je letten bij anticoagulantia?
Alcohol
Je mag maximaal 1 tot 2 glazen bier of wijn per dag drinken. Meer alcohol wordt afgeraden.
Sport en lichaamsbeweging
Beweeg regelmatig, ook als je voor de operatie niet of weinig sportte. Kies echter geen sport of activiteit met risico op vallen, zoals paardrijden, of contactsporten. Bespreek met je arts welke activiteiten of sporten je mag doen.
Vakantie
Overleg met je arts welke maatregelen je moet nemen op vakantie. Neem voldoende medicatie en, bij gebruik van een anti-vitamine K-product je antistollingskaart mee. Sommige patiënten moeten hun bloed tijdens hun vakantie laten controleren.
Goed om te weten: diarree en braken kan de antistolling ontregelen.
Lichaamsverzorging
Probeer bloedingen te voorkomen. Poets je tanden grondig maar voorzichtig, en gebruik een zachte tandenborstel. Een elektrisch scheerapparaat is veiliger dan een scheermesje. Knip je nagels met een nagelknipper, en niet met een schaartje.
Laat je tandarts, pedicure of manicure altijd weten dat je orale anticoagulantia gebruikt.Zwangerschap en borstvoeding
Raadpleeg altijd je arts als je zwanger bent of zwanger wenst te worden omdat bloedverdunners schadelijk kunnen zijn voor het ongeboren kind.
Andere geneesmiddelen
Wil je arts je nieuwe medicatie voorschrijven? Herinner hem er dan aan dat je orale anticoagulantia neemt. Vaak versterkt de medicatie het effect van de orale anticoagulantia, waardoor de INR te hoog kan worden.
Let ook op met geneesmiddelen zonder voorschrift, pijnstillers, andere medicatie en zelfs kruiden zoals sint-janskruid. Neem ze niet op eigen initiatief maar vraag raad aan je arts en apotheker welke geschikt zijn, en lees altijd de bijsluiters.
Paracetamol (of Dafalgan) geeft over het algemeen geen problemen.Voeding
Als u de nieuwe orale anticoagulantia neemt, eet dan geen pompelmoes. Andere voedingsmiddelen kunnen zonder problemen worden gebruikt.
Goed om te weten: vitamine K-bevattend voedsel kan het effect van anti-vitamine K-anticoagulantia beïnvloeden.
Operaties, invasieve onderzoeken en tandarts
Vermeld altijd aan de arts of tandarts dat je antistollingsmedicatie neemt. Neem je antistollingskaart mee. De arts zal zeggen of je je antistollingsmedicatie moet aanpassen voordat je een chirurgische of tandheelkundige ingreep ondergaat. Check dit
advies ook steeds bij je hartspecialist omdat zomaar stoppen met anticoagulantia niet altijd veilig is.Goed om te weten: om endocarditis (hartklepontsteking) te voorkomen, moeten patiënten met een kunstklep antibiotica nemen kort voor ze een tand laten trekken. Je huisarts of cardioloog kan deze voorschrijven.
Bloedingen
Je moet goed opletten voor bloedingen. Als je bloedt, lichamelijke klachten hebt of een ongeval meemaakt, zeg dan altijd tegen je zorgverlener dat je orale anticoagulantia gebruikt. Hij of zij zal zich dan sneller bewust zijn van het bloedingsrisico.
Contacteer je arts bij volgende problemen:- Grote, blauwe plekken
- Donkerrode urine
- Zwarte ontlasting
- Andere bloedingen
Ziekte
Ziekte kan een effect hebben op de werking van je medicatie. Ben je plots ziek? Ga dan zeker naar je arts.
Raadpleeg je arts ook bij:- koorts
- diarree, braken, of onmogelijkheid om te eten gedurende meer dan 24u
- leverziekten zoals geelzucht
- maag- en darmziekten
- nierziekten
- schildklieraandoeningen
- als je de antistollingsmedicatie niet kan innemen om gelijk welke reden
Risico's en bijwerken van anticoagulantia
Risico's
Het belangrijkste risico bij inname van anticoagulantia is het risico op bloedingen.
Raadpleeg onmiddellijk je arts in de volgende gevallen:
- Je nam teveel anticoagulantia in.
- Een bloeding stopt niet spontaan.
- Je hebt bloedend tandvlees na het tandenpoetsen.
- Er ontstaat pijn of zwelling na een injectie.
- Je hebt hevige menstruatie of een tussentijdse bloeding.
- Je valt of verwondt je, vooral als je je hoofd hebt gestoten.
- Je vertoont tekens van een ernstige bloeding:
- Misselijkheid, bloedbraken of koffiedik braken
- Ongewone zwakte, vermoeidheid, bleekheid, duizeligheid, hoofdpij
- Onverklaarbare zwelling
- Grote blauwe plekken
- Donkerrode of bruine urine
- Zwarte of bloederige ontlasting
- Bloedneus
- Pijn en zwelling na een ongeval
Bijwerkingen
Breng je arts op de hoogte van alle bijwerkingen die je ondervindt.
De antistollingskaart
Als je antivitamine K-anticoagulantia neemt, krijg je een antistollingskaart.
De antistollingskaart bevat de volgende gegevens:
- naam van het antistollingsproduct
- resultaten van de antistollingstest (de INR)
- voorgeschreven dosis medicatie
- datum van de volgende bloedcontrole
Draag je antistollingskaart altijd op zak, bv. bij je identiteitskaart.
Zo kunnen hulpverleners de juiste informatie vinden.
Wijs je zorgverlener er ook altijd op dat je anticoagulantia neemt.
Zorg ervoor dat je precies weet welk antistollingsmiddel je gebruikt, welke dosis en welke andere medicatie je neemt.
Klinische studies
Elk jaar nemen er in het UZA heel wat patiënten deel aan klinische studies. Dit gebeurt op vrijwillige basis. Indien er op de dienst waar je bent opgenomen een specifiek onderzoek loopt, zal je eventueel gevraagd worden om hieraan deel te nemen. Je hebt de volledige vrijheid om te beslissen of je hier al dan niet op in wenst te gaan. Indien je deelneemt of in de toekomst deelneemt aan klinische studies, kan je met je vragen terecht bij je behandelend arts.