Tenniselleboog
Als de strekspieraanhechtingen van pols en vingers overbelast geraken, scheuren of niet goed meer functioneren ontstaat er een soort van ontsteking. Bij een tenniselleboog raken de pezen aan de buitenzijde van de elleboog geïrriteerd of ontstoken.
Synoniemen
Wat is een tenniselleboog?
Een tenniselleboog of laterale epicondylitis, is een aandoening waarbij de pezen aan de buitenzijde van de elleboog geïrriteerd of ontstoken raken. Dit veroorzaakt pijn en verminderde kracht in de onderarm en hand.
Oorzaken
De oorzaak is meestal overbelasting van de onderarmspieren die de pols en vingers strekken. Dit kan optreden bij sporten zoals tennis, maar ook bij herhaald hand- en polswerk zoals typen, schilderen of tillen.
Symptomen
Belangrijke klachten zijn pijn aan de buitenkant van de elleboog, vooral bij grijpen, tillen of draaien van de pols. Soms straalt de pijn uit naar de onderarm. De kracht in de hand kan afnemen en dagelijkse activiteiten zoals openen van een deur of tillen van een kopje kunnen moeilijk zijn.
Diagnosestelling
De arts stelt de diagnose op basis van het klachtenpatroon en lichamelijk onderzoek. Vaak wordt de pijn opgewekt door specifieke bewegingen van de pols en vingers. Meestal is aanvullend onderzoek zoals een röntgenfoto of echografie niet nodig.
Behandeling en nabehandeling
Behandeling
De behandeling is meestal conservatief (niet operatief) en gericht op pijnvermindering en herstel van functie:
- Rust en vermijden van overbelasting, aanpassing werkomstandigheden
- Dragen van een elleboogbandje
- Oefeningen en fysiotherapie
- Pijnstillers of ontstekingsremmende medicatie
- In sommige gevallen injecties met PRP of corticosteroïden
Nabehandeling
Herstel kan weken tot enkele maanden duren. Hand- en oefentherapie helpt kracht en beweeglijkheid terug te krijgen. Vroege aanpassing van belastende activiteiten verkort het herstel en voorkomt terugkeer van de klachten.