Ureterorenoscopie
Met deze ingreep verwijderen we stenen die zich in de urineleider of in het opvangsysteem van de nier bevinden via een kijkoperatie.
Maak een afspraak
Urologie
Wat is een ureterorenoscopie?
Het doel van deze ingreep is om stenen die zich in de urineleider of in het opvangsysteem van de nier bevinden te verwijderen via een kijkoperatie langs de natuurlijke opening van de plasbuis. Grotere steenfragmenten dienen vaak eerst met een lasertoestel verder gefragmenteerd te worden.
Soms is de urineleider tijdens de eerste operatie niet doorgankelijk voor de camera. In dat geval wordt voor enkele weken een stent in de urineleider ingebracht en dient de steen tijdens een tweede ingreep enkele weken later behandeld te worden
Vaak wordt na de steenbehandeling tijdelijk een stent in de urineleider nagelaten die op de raadpleging onder lokale verdoving verwijderd kan worden
Mogelijke ongemakken/risico's
De mogelijke nawerkingen en jouw risico om ze te krijgen zijn hieronder weergegeven. Sommige zijn zelflimiterend of omkeerbaar, maar andere niet. De impact van nawerkingen kan sterk variëren van patiënt tot patiënt; je moet jouw chirurg om advies vragen over de risico's en hun impact op jou.
Gevolg
Risico
Milde branderigheid of bloeding bij het plassen voor een korte tijd na de procedure (vooral als u een ureterstent heeft) Bijna alle patiënten Tijdelijke plaatsing van een ureterstent die later moet worden verwijderd Bijna alle patiënten Resterende stenen die verdere chirurgie of een andere behandeling vereisen (meer waarschijnlijk voor stenen dichter bij de nier) Tussen 1 op 7 en 1 op 20 patiënten Niet in staat om de ureter te bereiken (of de steen te bereiken) waarvoor verdere chirurgie of een andere behandeling nodig is 1 op 7 patiënten Tijdelijke plaatsing van een blaaskatheter Tussen 1 op 10 en 1 op 50 patiënten Infectie die antibioticabehandeling vereist Tussen 1 op 50 en 1 op 100 patiënten Schade aan de wand van de ureter (perforatie, slijmvliesbeschadiging, bloeding) die stenting of percutane nefrostomie vereist 1 op 100 patiënten Alternatieven
Opvolging
Tot 75% van de stenen in de urineleider kleiner dan 5mm passeren spontaan in de loop van de eerste weken. Voor grotere steenfragmenten is deze kans doorgaans kleiner en ook afhankelijk van de locatie van de steen in de urineleider. Stenen in het opvangsysteem van de nier zelf geven vaak geen symptomen maar kunnen wel aanleiding geven tot toekomstige symptomen zoals een nierkoliek of infectie. Dit risico wordt volgens de huidige literatuur ingeschat op 0-60% maar is individueel moeilijk te voorspellen.
Extracorporele schokgolf lithotripsie
Bij deze procedure proberen we de nierstenen te verbrijzelen via een extern toestel dat schokgolven genereert. De steenfragmenten zullen dan zelf uitgeplast dienen te worden wat pijnlijk kan zijn.
Percutane steenbehandeling
Voor grotere steenfragmenten in de nier of het bovenste deel van de urineleider wordt een gaatje gemaakt in de nier waarlangs een camera kan worden ingebracht om zo efficiënter de steen te kunnen behandelen.
Robot-geassisteerde laparoscopische steenverwijdering
In zeldzame gevallen kan worden geopteerd om een steen in de urineleider of nier via een kijkoperatie langs de buik te behandelen.
Behandeling / Verloop
- 1
Voor de ingreep/behandeling
Aangezien de ingreep onder algemene verdoving gebeurt, mag je minstens 6 uur voor de ingreep niets meer eten. Je mag heldere dranken drinken tot 2 uur voor de ingreep (bv. water, appelsap of thee zonder melk), tenzij de anesthesist je andere richtlijnen gaf.
De behandelend uroloog (of een lid van het urologische team) zal kort voor je narcose met jou de ingreep overlopen.
De anesthesist zal ook een gesprek met je voeren omtrent de geplande anesthesie. - 2
De ingreep/behandeling
- We gebruiken een volledige anesthesie en je zal gedurende de hele procedure slapen.
- We geven je een injectie met antibiotica voor de procedure, nadat u bent gecontroleerd op eventuele allergieën.
- Via jouw plasbluis en blaas brengen we de ureterorenoscoop (een kleine camera met werkkanaal) tot aan de steen.
- We fragmenteren de steen met behulp van een laser, waarbij kleine fragmenten achterblijven die vanzelf kunnen passeren, of breken we deze in kleinere stukjes die kunnen worden verwijderd met speciale grijpinstrumenten.
- We kunnen een tijdelijke stent (buisje) in de ureter plaatsen aan het einde van de procedure; deze wordt later verwijderd
- Af en toe moeten we een tweede ureterorenoscopie uitvoeren op een later tijdstip om resterende stenen te behandelen. Als dit nodig is, laten we een stent in jouw ureter achter tot de tweede procedure.
- Af en toe plaatsen we een blaaskatheter die de volgende ochtend wordt verwijderd.
- De meeste patiënten kunnen dezelfde dag als hun procedure naar huis.
- 3
Na de ingreep/behandeling
- Je krijgt advies over uw herstel thuis.
- Het herstel van ureteroscopie verloopt meestal snel.
- Als je een stent hebt laten plaatsen, kan dit pijn in jouw niergebied veroorzaken wanneer je plast, of pijn in uw blaas. Dit verdwijnt meestal snel, maar als je je onwel of koortsig voelt, moet je contact opnemen met je huisarts om te controleren op een urineweginfectie.
- Als je koorts ontwikkelt, hevige pijn hebt die niet verbetert met klassieke pijnstillers of niet in staat bent om te plassen, moet je onmiddellijk contact opnemen met jouw huisarts..
- Je kan jouw risico op verdere steenvorming verminderen door jouw dieet en vochtinname aan te passen.
- 4
Naar huis
Volgende zou duidelijk moeten zijn voor je naar huis gaat:
- Wees zeker dat je alles begrijpt wat er is gebeurd.
- Vraag je arts of alles is verlopen zoals gepland.
- Laat het team weten als je pijn zou hebben.
- Vraag wat je kan en niet kan doen thuis.
- Wees zeker dat je begrijpt wat de volgende stap is.
- Vraag wanneer je je normale activiteiten terug kan hervatten.
- Vraag of er voor jou een postoperatieve raadpleging gepland is.
Klinische studies
Elk jaar nemen er in het UZA heel wat patiënten deel aan klinische studies. Dit gebeurt op vrijwillige basis. Indien er op de dienst waar je bent opgenomen een specifiek onderzoek loopt, zal je eventueel gevraagd worden om hieraan deel te nemen. Je hebt de volledige vrijheid om te beslissen of je hier al dan niet op in wenst te gaan. Indien je deelneemt of in de toekomst deelneemt aan klinische studies, kan je met je vragen terecht bij je behandelend arts.
Onze zorgverleners staan voor je klaar
Hieronder vind je een overzicht van de zorgverleners die deel uitmaken van ons team en hun specifieke rol in de behandeling en ondersteuning van onze patiënten.

















