Melanoom
Een melanoom is een vorm van huidkanker die ontstaat uit de pigmentcellen (melanocyten) van de huid. In het UZA kan je terecht voor de diagnose, behandeling en opvolging van een melanoom.
Wat is een melanoom?
Een melanoom ontstaat wanneer pigmentcellen in de huid kwaadaardig worden. Het kan ontstaan in een bestaande moedervlek, maar ook als een nieuwe vlek op de huid.
Een melanoom is vaak een pigmentvlek die verandert in vorm, grootte of kleur. Sommige melanomen hebben meerdere kleuren of een onregelmatige rand. Een melanoom kan ook jeuken, bloeden of een wondje vormen, maar dat hoeft niet. Sommige melanomen bevatten weinig of geen pigment en zijn rood of roze van kleur.
Wanneer een melanoom vroeg wordt ontdekt, is de kans op genezing zeer groot. Een melanoom wordt altijd chirurgisch verwijderd. Dit gebeurt meestal in twee stappen: eerst wordt het verdachte letsel verwijderd en onderzocht; wanneer de diagnose melanoom bevestigd is, wordt het litteken opnieuw verwijderd met een extra veiligheidsmarge.
Risicofactoren
Factoren die het risico op een melanoom verhogen zijn:
- overmatigeblootstelling aan UV-straling, door de zon of zonnebank
- regelmatig verbranden door de zon, vooral op jonge leeftijd
- veel moedervlekken
- atypische (onregelmatige) moedervlekken
- een eerder melanoom
- melanoom in de familie
Erfelijke aanleg
De meeste melanomen zijn niet erfelijk. Een erfelijke aanleg is zeldzaam, maar kan worden overwogen wanneer meerdere melanomen bij dezelfde persoon voorkomen of wanneer meerdere naaste familieleden een melanoom hebben gehad. In bepaalde situaties kan je arts genetisch advies voorstellen.
Verschillende soorten
Er bestaan verschillende vormen van melanoom. De belangrijkste zijn:
- superficieel spreidend melanoom
- nodulair melanoom
- lentigo maligna melanoom
- acraal melanoom, bijvoorbeeld op handpalmen, voetzolen of onder de nagels
- amelanotisch melanoom, met weinig of geen pigment
Daarnaast bestaan er zeldzamere melanomen buiten de huid, bijvoorbeeld in het oog of op de slijmvliezen.
Hoe herken je een verdachte moedervlek?
Niet elke onregelmatige moedervlek is een melanoom. Vooral een nieuwe of veranderende pigmentvlek verdient extra aandacht. De ABCDE-regel kan helpen om verdachte kenmerken te herkennen:
A – Asymmetrie: de ene helft van de vlek ziet er anders uit dan de andere.
B – Border (rand): de rand is onregelmatig of grillig.
C – Color (kleur): de vlek bevat verschillende kleuren.
D – Diameter: een grotere diameter (vooral groter dan 6mm) kan verdacht zijn, maar ook kleinere melanomen komen voor.
E – Evolutie: de vlek verandert in grootte, vorm, of kleur, of er ontstaan klachten, zoals jeuk, bloeding.
Ook een vlek die duidelijk anders is dan je andere moedervlekken kan verdacht zijn (het zogenaamde ‘ugly duckling’-teken). Merk je een nieuwe of veranderende vlek op, laat ze dan zeker beoordelen door een arts.
Diagnosestelling
De dermatoloog onderzoekt de huid en bekijkt pigmentletsels met een gespecialiseerde loep (dermatoscoop). Als er een vermoeden van melanoom is, wordt het letsel verwijderd onder lokale verdoving. Het weefsel wordt daarna microscopisch onderzocht door de patholoog.
Bij een bevestigd melanoom bepaalt de patholoog onder andere:
hoe dik het melanoom is (Breslow-dikte)
of er verzwering (ulceratie) aanwezig is
andere kenmerken die mee het stadium en de verdere behandeling bepalen
Zijn er bijkomende onderzoeken nodig?
Bijkomende onderzoeken hangen af van de dikte en het stadium van het melanoom. In het UZA wordt de noodzaak hiervan multidisciplinair besproken tijdens het Multidisciplinair Oncologisch Consult (MOC) Huidtumoren. Dermatologen, oncologen, chirurgen, radiologen, pathologen, radiotherapeuten en andere betrokken specialisten bepalen samen het meest geschikte behandelplan.
Bij een vroeg en dun melanoom zijn meestal geen verdere onderzoeken nodig. Bij melanomen met een hoger risico kunnen bijkomende onderzoeken worden voorgesteld, zoals een bloedname, schildwachtklieronderzoek, echografie van de lymfeklieren, een CT- of PET-CT-scan en/of een MRI.
In bepaalde stadia wordt het melanoom ook onderzocht op genetische veranderingen in de tumor, zoals een BRAF-mutatie, met het oog op eventuele aanvullende therapie.
Behandeling
Chirurgische behandeling
De behandeling van een melanoom begint met een ingreep, doorgaans onder lokale verdoving. Nadat het melanoom is verwijderd en de dikte bekend is, wordt het litteken opnieuw uitgesneden met een veiligheidsmarge (veelal 1 tot 2 cm) van gezonde huid. De exacte breedte van die marge hangt af van de dikte van het melanoom.
Schildwachtklieronderzoek
Bij bepaalde melanomen kan een schildwachtklieronderzoek worden voorgesteld. De schildwachtklier is de eerste lymfeklier waarnaar tumorcellen zich zouden kunnen verspreiden. Door deze klier weg te nemen en te onderzoeken (vaak op het moment van de re-excisie van het melanoom), kan nauwkeuriger worden bepaald in welk stadium het melanoom zich bevindt. Of dit onderzoek nodig is, hangt onder meer af van de dikte en andere kenmerken van het melanoom.
Aanvullende behandeling na operatie
Bij de meeste melanomen met een laag risico is na de operatie geen aanvullende medicamenteuze behandeling nodig. Bij een hoger risico op herval kan een aanvullende behandeling worden besproken. Dit kan bijvoorbeeld immunotherapie zijn. Bij bepaalde melanomen met een BRAF-mutatie kan ook gerichte therapie met BRAF- en MEK-remmers een mogelijkheid zijn.
De keuze hangt af van het stadium, de kenmerken van het melanoom, eventuele mutaties en je algemene gezondheid. Je behandelend team bespreekt de voor- en nadelen van de verschillende opties met jou.
Uitgezaaid of lokaal gevorderd melanoom
Een melanoom kan zich verspreiden naar lymfeklieren of andere organen. De behandeling van een lokaal gevorderd of uitgezaaid melanoom is de voorbije jaren sterk geëvolueerd.
Mogelijke behandelingen zijn onder andere:- immunotherapie
- gerichte (‘targeted’) therapie bij melanomen met bepaalde mutaties, zoals een BRAF-mutatie
- chirurgie in bepaalde situaties
- radiotherapie in bepaalde situaties
Bij sommige patiënten met operabele uitzaaiingen in de lymfeklieren kan medicamenteuze behandeling al vóór de operatie worden overwogen. De behandeling wordt steeds individueel bepaald.
Opvolging
Na de behandeling blijf je ca. 10 jaar onder controle. De exacte duur en frequentie van de opvolging hangen af van het stadium van het melanoom, het risico op herval, en je persoonlijke situatie. Tijdens de opvolging wordt aandacht besteed aan het litteken, de lymfeklieren en de volledige huid, om zowel herval als een nieuw melanoom vroeg op te sporen. Bij patiënten met een hoger risico kunnen aanvullende beeldvormende onderzoeken op geregelde tijdstippen nodig zijn.
Het is ook belangrijk om zelf je huid regelmatig te bekijken en veranderingen te melden. Bescherm je huid goed tegen de zon en vermijd zonnebanken.
Klinische studies
Elk jaar nemen er in het UZA heel wat patiënten deel aan klinisch onderzoek via de dienst waar ze behandeld worden. Zij worden door hun arts gevraagd om hieraan eventueel deel te nemen. Soms zijn er echter ook studies waarvoor gezonde vrijwilligers gezocht worden.
Onze zorgverleners staan voor je klaar
Consulenten en geassocieerde artsen
Patiëntenvereniging Melanoompunt vzw
Heb je nood aan steun of lotgenotencontact? Dan kan je als patiënt of als naaste terecht bij Melanoompunt vzw, de Belgische vereniging voor mensen met een melanoom.
Veelgestelde vragen over een melanoom
Hoe herken ik een melanoom?
Een melanoom kan eruitzien als een nieuwe pigmentvlek of als een bestaande moedervlek die verandert. Let vooral op verandering in vorm, kleur of grootte, een onregelmatige rand, meerdere kleuren of een vlek die duidelijk anders is dan je andere moedervlekken.
Is een melanoom altijd kwaadaardig?
Ja. Een melanoom is per definitie een kwaadaardige tumor van pigmentcellen. Niet elke verdachte of onregelmatige moedervlek is echter een melanoom.
Kan een melanoom jeuken, bloeden of pijn doen?
Dat kan, maar hoeft niet. Veel melanomen veroorzaken aanvankelijk geen klachten. Daarom zijn vooral zichtbare veranderingen van een pigmentvlek belangrijk.
Hoe snel groeit een melanoom?
Dat verschilt sterk. Sommige melanomen groeien langzaam, andere kunnen op korte tijd duidelijk veranderen. Een nieuwe of veranderende verdachte vlek laat je daarom best beoordelen.
Hoe wordt een melanoom vastgesteld?
De dermatoloog beoordeelt het letsel, meestal met een gespecialiseerde loep (dermatoscoop). Bij verdenking wordt het letsel doorgaans volledig verwijderd en microscopisch onderzocht door een patholoog.
Wat is de kans op genezing bij een melanoom?
De vooruitzichten hangen vooral af van het stadium waarin het melanoom wordt ontdekt. Bij een vroeg ontdekt, dun melanoom is de kans op genezing zeer groot. Ook voor melanomen met een hoger risico of uitzaaiingen zijn de behandelingsmogelijkheden de afgelopen jaren sterk verbeterd.




