Coronavirus COVID-19

Informatie voor UZA-patiënten en bezoekers | Reserveer hier een afspraak voor een PCR-test
Meer details Meer details

Provocatietest voedselallergie

Uw huisarts of specialist heeft u doorverwezen omdat u mogelijk allergisch bent voor bepaald voedsel. Als andere allergietesten zoals een bloedafname en huidtesten geen zekerheid kunnen bieden over het al dan niet bestaan van een voedselallergie, zal in het dagziekenhuis van de dienst Allergologie een provocatietest plaatsvinden.

Wat is een provocatietest?

Een provocatietest is een onderzoek waarbij we nagaan of u bepaald voedsel al dan niet verdraagt. Bij een voedselprovocatietest wordt een voedingsmiddel, in opklimmende hoeveelheden, toegediend aan de patiënt. Dat gebeurt telkens onder toezicht van een verpleegkundige en een arts.

Hoe bereidt u zich voor op een provocatietest? 

  • Op de dag van de provocatie mag u of uw kind niet ziek zijn.
  • Alle allergische aandoeningen zoals eczeem, astma en hooikoorts moeten onder controle zijn. 
  • Soms moet u of uw kind op vraag van de arts met medicatie stoppen voor de aanvang van de provocatietest. 
  • Soms brengt u zelf voeding mee. In andere gevallen zijn de noodzakelijke voedingsmiddelen beschikbaar in het ziekenhuis. Uw arts bespreekt dit met u.
  • Indien nodig wordt er gevraagd om voedingsmiddelen mee te nemen die uw kind graag lust en waarop uw kind niet allergisch reageert. Zo kunnen we het voedingsmiddel dat we willen testen verwerken. 
  • Neem voor uw kind ook steeds wat boeken, spelletjes en/of een tablet mee om de angst en spanning te verminderen. 
  • Neem steeds de huidige (nood)medicatie (Epipen®/ Jext®, puffer of antihistaminica ) mee naar het ziekenhuis.
  • Eten is toegelaten tot 4 uur voor de provocatie. Bij kinderen waarbij dit moeilijk haalbaar is, is een lichte maaltijd tot 2 uur voor de provocatietest toegelaten. Indien uw kind nog borstvoeding krijgt, mag dit worden verdergezet tot net voor de provocatie.

Hoe verloopt de provocatietest?

  • De patiënt wordt onderzocht door een arts en de verpleging plaatst een infuus. 
  • We starten de provocatietest steeds met een zeer kleine hoeveelheid van het voedingsmiddel. 
  • Indien er geen allergische reactie ontstaat, zal na 15-20 minuten een volgende hoeveelheid worden toegediend. 
  • Voor elke volgende toediening gaat een arts of verpleegkundige na of er klachten/symptomen aanwezig zijn en of deze voldoende zijn om de provocatietest te stoppen. Uiteraard heeft u steeds het recht om de provocatietest zelf te stoppen.
  • Na de laatste toediening blijft u of uw kind minstens 2 uur op de dienst allergologie. Indien er geen tekenen van een allergie zijn, kunt u - na deze 2 uur - naar huis. Bij milde allergische symptomen is een observatie van 2 tot 4 uur, na het verdwijnen van de klachten, noodzakelijk. In het geval van ernstige allergische symptomen kan, steeds in overleg met een arts, een langere observatieduur met eventuele overnachting in het ziekenhuis noodzakelijk zijn.

Hoe verloopt de opvolging?

  • Voor sommige provocatietesten is het noodzakelijk dat u zich de dag na de provocatietest opnieuw aanmeldt op onze dienst. U of uw kind dient dan nog 1 toediening van het voedingsmiddel te krijgen die overeenkomt met de totale hoeveelheid die werd gegeten op de eerste dag van de provocatietest.
  • Wanneer de provocatietest geen allergie kon aantonen, dient u of uw kind (steeds in overleg met uw arts) het geteste voedingsmiddel minstens wekelijks en liefst 3 keer per week te consumeren. 
  • Wanneer de provocatietest leidde tot een allergische reactie, wordt geadviseerd om het voedingsmiddel verder te vermijden.

Wat zijn de mogelijke risico's?

  • Tijdens een voedselprovocatietest bestaat het risico op een allergische reactie. Daarom verloopt dit onderzoek steeds onder toezicht van een arts en wordt deze uitgevoerd door gespecialiseerde verpleging.

Wat zijn de voordelen? 

  • Verbeterde levenskwaliteit: wanneer het voedingsmiddel, na de provocatietest, als veilig wordt beschouwd leidt dit tot een uitbreiding van het eetpatroon en vermindering van de angst bij de patiënt.
  • Duidelijkheid over te vermijden voedingsmiddelen

Ik ben verhinderd: wat nu?

U dient minstens 24 uur op voorhand onze dienst te verwittigen. Dit kan telefonisch via +32 3821 46 62 of +32 3821 35 26.

Meer informatie vindt u in de brochure.

Deze informatie werd laatst aangepast op dinsdag 24 november 2020 - 16:11
Auteur(s): Team