Coronavirus COVID-19

Informatie voor patiënten en bezoekers
Meer details Meer details

Insectengifallergie

In totaal is ongeveer 4 % van de bevolking allergisch aan het gif van wespen, bijen of hommels.

Wat zijn de oorzaken van een insectengifallergie?

Het is het gif dat de wesp, bij of hommel inspuit wanneer ze steekt, dat de allergische reactie uitlokt.

Wat zijn de symptomen van een insectengifallergie?

Bij een allergische reactie treden de symptomen meestal snel op en bestaat er veralgemeende netelroos (vaak erg jeukende huiduitslag met grote of kleine bultjes). Wanneer de reactie verder evolueert, krijgt u last van ademhalingsproblemen, bloeddrukdaling, braken en diarree, bewustzijnsverlies. Reacties met de dood als gevolg zijn zeldzaam, maar komen voor.

Hoe wordt een insectengifallergie opgespoord?

Een eenvoudige bloedtest en huidtest kunnen uitsluitsel bieden of een insect wel degelijk de oorzaak is van de allergische reactie. Via een huidtest dient de arts een minieme dosis van het gif toe. Voorzichtigheid is de boodschap, want sommige patiënten kunnen hier ernstig op reageren. Daarom kiest de arts bij een te hoog risico ook soms voor een basofielenactivatietest. Dit is een bijzondere bloedtest die enkel in gespecialiseerde centra beschikbaar is.

Ben je gestoken door een insect en is er enkel een grote lokale zwelling ter hoogte van de steekplaats? Dan is er geen reden om een test uit te voeren. 

Elke patiënt die in de laatste 10 jaar een ernstige gifallergie heeft vertoond moet getest worden omdat het herhalingsrisico, indien geen immunotherapie gestart wordt, ongeveer 50% bedraagt.

Hoe wordt een insectengifallergie behandeld?

In de meest ernstige gevallen van deze allergie moet de patiënt een hyposensibilisatiekuur of immunotherapie ondergaan. Bij deze therapie maakt de arts de patiënt ongevoelig voor het allergeen, net door het allergeen toe te dienen. De behandeling is uiterst doeltreffend en kan levensreddend zijn. Het herhalingsrisico van een nieuwe bedreigende steekreactie neemt dankzij deze behandeling sterk af en zakt van 50% naar doorgaans minder dan 5%. 

Deze informatie werd laatst aangepast op donderdag 28 Mei 2020 - 13:05
Auteur(s): Team