Coronavirus COVID-19

Informatie voor patiënten en bezoekers
Meer details Meer details

Embolisatie van een AVM (met lijm)

Een arterioveneuze malformatie (AVM) is een aangeboren misvorming van het bloedvatstelsel waarbij er een abnormale directe verbinding ontstaat tussen slagaders en aders. Ze kunnen voorkomen in of bij de hersenen, maar ook in het ruggenmerg.

Als de plaats van de AVM het toelaat, kunnen we deze tijdens een operatie weghalen (chirurgische resectie). Meestal gaat aan deze operatie een embolisatie van de AVM vooraf. 

Lees hieronder meer over de embolisatie van een AVM. 

Wat is embolisatie van een AVM?

Bij embolisatie van een AVM wordt de abnormale verbinding tussen de slagader en aders met een speciaal soort weefsellijm afgesloten. De lijm wordt ingebracht via een katheter (dun buisje) die vanuit de lies in de bloedbaan wordt opgeschoven.

Hoe verloopt de embolisatie?

Voor, tijdens en na de embolisatie

Voor de embolisatie

Pre-operatieve consultatie en aanvullende onderzoeken

  • In de meeste gevallen krijg je voor je opname in het UZA een preoperatieve consultatie bij de anesthesist.
     
  • Aanvullende onderzoeken, zoals een elektrocardiogram (ECG), een bloedafname of een hart- of longonderzoek, kunnen nodig zijn.

Opname

Je meldt je de avond voor de embolisatie aan in het UZA. Je hoeft dan nog niet nuchter te zijn.

Belangrijk

  • Verwittig de arts of verpleegkundige als je zwanger bent of een allergie hebt (bijvoorbeeld voor contrastvloeistoffen). Als je allergisch bent aan contrastvloeistoffen, dan neem je avond voor de ingreep een tablet Medrol® (methylprednisolone) 32 mg. Die kan je krijgen aan het onthaal van de afdeling radiologie (route 143).
     
  • Overleg het gebruik van medicatie met je arts. Vermeld het zeker als je bloedverdunners gebruikt (zoals Aspirine, Ascal, Asaflow, Plavix, Ticlid, Marevan, Sintrom of Fraxiparine).
     
  • Op de avond voor de embolisatie mag je vanaf middernacht niets meer eten of drinken. (Je moet minimaal 6 uur voor de ingreep nuchter zijn.) De noodzakelijke medicatie mag je op de ochtend van de ingreep met een kleine hoeveelheid water innemen.
     

De embolisatie zelf

De ingreep duurt gemiddeld 3 uur en gebeurt onder volledige verdoving door de neuro-interventieradioloog in de angiografiekamer (kamer voor bloedvatonderzoek) op de dienst radiologie.

  1. Je krijgt een infuus met verdoving en vaak wordt er ook een blaassonde geplaatst.
     
  2. Nadat je volledig in slaap bent gebracht, schuift de neuro-interventieradioloog via de liesslagader een katheter (dun buisje) tot in de halsslagaders.
     
  3. Via deze geleide katheter wordt een nog dunner slangetje (microkatheter) heel voorzichtig tot zeer dichtbij of in de AVM geplaatst.
     
  4. Daarna sluit de neuro-interventieradioloog de AVM stap voor stap af met een speciaal soort weefsellijm. Dit gebeurt onder constante röntgencontrole, totdat de AVM volledig of gedeeltelijk is afgesloten.
     
  5. Na de embolisatie verwijdert de neuro-interventieradioloog de katheters en sluit hij het gaatje in de liesslagader af met een speciale plug om een nabloeding te voorkomen.

 

Na de embolisatie

  • Als na de embolisatie meteen een operatie volgt om de AVM te verwijderen, ga je in slaap naar het operatiekwartier voor deze ingreep.
     
  • Als er geen of niet meteen een operatie volgt, word je wakker in de angiokamer of op de uitslaapkamer (recovery), waar we je toestand en de prikplaats in de lies regelmatig controleren. 
     
  • Je wordt de eerste dag nauw opgevolgd op de dienst intensieve zorgen. Zodra je voldoende wakker bent en alles goed gaat, kan je de volgende dag naar de verpleegafdeling.
     
  • Bedrust tot de volgende ochtend na de ingreep is aangewezen. Als je daarna uit bed kan, verwijderen we de blaassonde en de infusen. Dan mag je ook weer normaal eten en drinken en kan je bezoek op de kamer ontvangen.
     
  • De prikplaats in de lies kan na de ingreep pijnlijk zijn. De kans is groot dat je ook hoofdpijn hebt. Die kunnen we bestrijden met medicatie. Typisch is ook dat je adem achteraf tijdelijk een lijmgeur heeft. Dit is een normaal verschijnsel. 
     

Volg deze richtlijnen om een nabloeding te voorkomen:

  • Blijf direct na het onderzoek minimaal 4 uur plat liggen en hou ook nadien bedrust aan.
     
  • Gebruik het been van de aangeprikte kant niet (plooi het been ook niet).
     
  • Gebruik zo weinig mogelijk je buikspieren (hoest of nies niet overdreven, stel een toiletbezoek uit of ga niet rechtop in bed zitten).
     

Je verblijft meestal 2 à 3 dagen (soms langer) in het UZA.
 

Wat na ontslag uit het UZA?

  • Je rekent best op een herstelperiode van 1 tot 2 weken.
     
  • Wees de eerste drie dragen na de ingreep voorzichtig met tillen en sportbeoefening.
     
  • Je arts bespreekt met jou wat wel of niet kan qua werk en hobby’s.
     
  • Je krijgt voorschriften voor medicatie.
     
  • Je krijgt een afspraak voor een controle op de neurovasculaire raadpleging, ongeveer 6 weken na de behandeling.
     
  • Om te controleren of de AVM goed is afgesloten, volgt er 3 tot 6 maanden na de behandeling meestal een cerebrale angiografie.
     
  • Soms zijn meerdere embolisaties nodig voor de AVM operatief verwijderd kan worden. Je arts bekijkt samen met jou wanneer deze ingepland kunnen worden.

Wat zijn de mogelijke complicaties en risico’s?

Vóór de behandeling bespreken de artsen de specifieke risico’s van de behandeling en de eventuele gevolgen met jou. Voor de meeste complicaties zijn er behandelingen mogelijk.

De lijst van complicaties is niet beperkt, maar de onderstaande zijn het meest ingrijpend:

  • Allergische reactie op contrastmiddelen en/of medicatie: roodheid, huiduitslag/-zwelling, heesheid, benauwdheid (heel zelden)
     
  • Schadelijke effecten op de nieren (vooral bij mensen met een minder goede nierfunctie).
     
  • Nabloeding in de lies (blauwe plek en zwelling) die binnen enkele weken vanzelf verdwijnt.
     
  • Soms kunnen ernstige complicaties ontstaan doordat de lijm onbedoeld in normale bloedvaten terechtkomt of door een bloeding uit de AVM zelf. Soms is daarvoor een spoedoperatie nodig.

Neem contact met ons op bij onderstaande klachten

Neem direct contact met ons op als je in de eerste dagen tot weken na de behandeling last hebt van:

  • plotse hoofdpijn
  • toenemende sufheid
  • verlamming of ander functie-uitval
  • nabloeding in de lies
  • epileptische aanvallen
     
Binnen de kantooruren: + 32 (0) 3 821 33 28
Buiten de kantooruren: + 32 (0) 3 821 30 00 en vraag naar de neurochirurg van wacht.
 
Deze informatie werd laatst aangepast op dinsdag 15 september 2020 - 10:09
Auteur(s): Team