Coronavirus COVID-19

Informatie voor patiënten en bezoekers
Meer details Meer details

(Dreigende) vroeggeboorte

Wat is een (dreigende) vroeggeboorte?

Bij een vroeggeboorte, ook wel vroegtijdige arbeid of preterm labor genoemd, beginnen de weeën die tot geboorte leiden (arbeid) vóór 37 weken zwangerschapsduur. We spreken van een extreme vroeggeboorte wanneer de geboorte voor 26 weken plaatsvindt. Een zwangerschap duurt normaal 40 weken.

Bij een dreigende vroeggeboorte vóór de 37ste week is zorgvuldige observatie en deskundige medische begeleiding in het ziekenhuis noodzakelijk. Vaak zult u bij een dreigende vroeggeboorte vanuit een ander ziekenhuis naar het UZA overgebracht worden voor gespecialiseerde zorg. In het UZA krijgt u deze op de Maternal Intensive Care (MIC). Deze is verbonden met de eenheid intensieve neonatale zorg. Een te vroeg geboren baby verblijft er ongeveer tot de uitgerekende bevallingsdatum.

Wat zijn de oorzaken?

Er zijn talrijke oorzaken van een vroeggeboorte, maar vaak zijn ze niet duidelijk te achterhalen.  

Factoren die een rol spelen in het ontstaan of uitlokken van vroeggeboorte:

  • Infecties (vaginale ontstekingen, urineweginfectie, diarree, koorts…)
  • Vroegtijdig breken van de vliezen (PPROM)
  • Uitrekking van de baarmoeder (bij meerlingzwangerschap of een teveel aan vruchtwater)
  • Bloedverlies tijdens de zwangerschap
  • Afwijkingen aan de baarmoeder en baarmoederhals: tweehoornige baarmoeder (baarmoeder bestaat uit twee hoornvormige delen), myomen, cervix-insufficiëntie (slappe baarmoederhals)...
  • Moederlijke factoren (verhoogde bloeddruk, zwangerschapsvergiftiging…)
  • Abdominale trauma’s
  • Socio-economische factoren (leeftijd moeder, stress, roken, alcohol- en/of druggebruik)

Wat zijn de symptomen?

  • Vroegtijdige weeën en/of harde pijnlijke buiken meer dan 3 weken voor uw verwachte bevallingsdatum.
  • Plots bloedverlies
  • Vroegtijdig vruchtwaterverlies

Wat zijn de gevolgen?

Overlevingskansen baby

De overlevingskansen van de baby worden bepaald door:

  • De zwangerschapsduur (hoe verder in de zwangerschap, hoe hoger de overlevingskans)
  • De leeftijd
  • Het geslacht (meisjes hebben iets hogere overlevingskansen)
  • De groei van de baby voor de geboorte
  • Eventuele infecties in de baarmoeder
  • Aanwezigheid van aangeboren afwijkingen
  • Vruchtwaterverlies dagen tot weken voor de geboorte
  • Het aantal kindjes in de buik (meerlingen)
  • De toediening van medicatie om de baby voor te bereiden

Risico op beperking bij baby

De risico’s op een ernstige handicap hangen samen met de zwangerschapsduur. Hoe later het kindje geboren wordt, hoe kleiner de kans op een ernstige handicap en hoe groter de kans op geen handicap.

Mogelijke beperkingen zijn:

  • Problemen met beweging (motorische handicap)
  • Beperkingen van de intelligente (leerproblemen, ernstige mentale achterstand)
  • Beperkingen van gehoor en spraak
  • Beperkingen van het zicht

Wat bij een vermoeden van een dreigende vroeggeboorte?

Als u harde buiken hebt vóór week 37, zullen we steeds verder onderzoek doen:

  • Inwendig onderzoek: om te kijken of er opening is van de baarmoederhals.
  • Vaginale echografie: om de lengte van de baarmoederhals te bepalen. Deze laat veel beter toe in te schatten of er een vroeggeboorte dreigt.

Bij twijfel zullen we een speciale test doen of wat vocht uit de vagina nemen. Daarin kunnen we sommige stofjes opzoeken die bij een dreigende vroeggeboorte aanwezig zijn.

Wat als er effectief een vroeggeboorte dreigt?

Bij een dreigende vroeggeboorte vóór de 37ste week is zorgvuldige observatie en deskundige medische begeleiding in het ziekenhuis noodzakelijk. In het UZA gebeurt dit op de Maternal Intensive Care (MIC). Het is van belang de zwangerschapsduur te verlengen voor de gezondheid van de baby. De behandeling hangt af van de oorzaak en is situatiegebonden. Ze kan bestaan uit:

  • Rust
  • Bloedafnames
  • Dagelijkse monitoring van de baby en regelmatige echografische opvolging. We zoeken infecties op en zullen de baby bewaken, zowel met echografie, met Doppleronderzoek en cardiotocografie (foetale monitor)
  • Regelmatige echografische opvolging
  • Medicatie: meestal dienen we (de eerste 48 uur) een weeënremmer toe, zoals Tractocyl®, Prepar®, Adalat®, Minitran® en antibiotica zoals Azithromycine®. We remmen nooit langer dan 48 uur omdat aangetoond is dat dit de uitkomst voor de baby niet verbetert.
  • ‘Longrijping’ door twee keer een spuitje met corticosteroïden (bijnierschorshormonen) om vooral de longen, maar ook de hersenen en het zenuwstelsel van de baby voor te bereiden. Verder gebruiken we in bepaalde gevallen magnesium om de hersenen van de baby te beschermen.
  • Samen met de behandelende gynaecoloog, de behandelende kinderarts en neonatoloog houden we een gesprek. U zal ook, zo mogelijk samen met uw partner, kennismaken met het neonatale team en de afdeling intensieve zorgen voor pasgeboren kindjes. Ook wordt u steeds opgevangen door de psychologe.

De Maternal Intensive Care (MIC) van het UZA is verbonden met de eenheid intensieve neonatale zorg. Een te vroeg geboren baby verblijft er ongeveer tot de uitgerekende bevallingsdatum.

Hoe verloopt de bevalling bij een vroeggeboorte?

  • De meeste mensen kunnen gewoon via de natuurlijke weg bevallen van hun baby.
  • Bij vroeggeboorte vinden wij het erg belangrijk dat uw baby in optimale omstandigheden wordt geboren. Dat wil zeggen dat we uw kindje rustig laten komen.
  • U kunt rustig contact maken met uw kindje.
  • We laten de navelstreng lang aanwezig omdat het bloed dat nog van uw moederkoek naar de baby gaat, een gunstige invloed heeft op de verdere ontwikkeling van je baby.
  • Heel erg vroeggeboren kindjes worden op uw buik meteen onder een warme lamp gelegd zodat ze niet afkoelen. Ze krijgen ook direct een speciaal isolerend jasje aan.

We vinden het erg belangrijk dat de overgang (van in de baarmoeder naar buiten de baarmoeder) zo zacht mogelijk gebeurt. Jullie blijven daar steeds van zeer nabij bij betrokken.

Wat gebeurt er na de vroeggeboorte?

Elke vroeggeboren baby wordt door ons opgevangen en verzorgd, maar niet noodzakelijk met intensieve zorgen.

  • Als uw baby op 22-23 weken geboren is, wordt er geen intensieve zorg aangeboden.
  • Als uw baby op 24-26 weken geboren is, wordt de keuze om intensieve zorg aan te bieden samen met u gemaakt op basis van de toestand van en verwachtingen voor uw baby.
  • Vanaf 26 weken proberen we het te vroeg geboren kindje zo goed mogelijk voor te bereiden en intensieve verzorging aan te bieden.

Onder intensieve zorgen verstaan we alle mogelijke behandelingen om het kindje in leven te houden: beademingsmachines, bloedtesten, medicatie.

In het andere geval bieden we palliatieve of comfortzorgen aan. Dat wil zeggen dat we al het mogelijke doen om te zorgen dat de baby rustig en pijnvrij de korte tijd op deze wereld kan doorbrengen zonder agressieve levensreddende maatregelen.

Deze informatie werd laatst aangepast op dinsdag 07 Mei 2019 - 12:05
Auteur(s): Team