Coronavirus COVID-19

Informatie voor UZA-patiënten en bezoekers | Reserveer hier een afspraak voor een PCR-test
Meer details Meer details

Cystectomie en neoblaas met robotchirurgie

Wat is een cystectomie? 

Bij een cystectomie wordt de blaas verwijderd. Meestal omdat een kwaadaardige tumor tot in de spierwand van de blaas is doorgegroeid. Ook bij bepaalde goedaardige aandoeningen kan het nodig zijn om de blaas te verwijderen. 

Wanneer de blaas verwijderd wordt omwille van kwaadaardigheid dan zullen er tevens uitgebreid lymfeklieren in de buurt van de blaas worden verwijderd.

Wat is een kijkoperatie met behulp van de Da Vinci robot?

De blaas kan via een snede in de onderbuik worden verwijderd. Een ingreep met de robot is een kijkoperatie, maar met belangrijke verbeteringen en voordelen ten opzichte van de klassieke kijkoperatie:

  • De kans op genezing na een operatie met de robot is even groot als bij een klassieke open ingreep. De functionele resultaten (de kans op behoud van erecties en goede controle op urineverlies) zouden beter zijn met gebruik van de robottechniek.
  • Voor geen enkele stap van de ingreep wordt de buik nog geopend.
  • De darmwerking herstelt sneller waardoor de maagsonde vlugger kan verwijderd worden en voeding vlugger mogelijk is.
  • Sneller herstel en verkorte opnameduur t.o.v. open chirurgie.
  • Minder pijn

Vóór de opname

Voor de opname heeft u een aantal gesprekken met de specialisten:

  • Met de uroloog.
  • Met een gespecialiseerde verpleegkundige die u tijdens het gehele behandeltraject zal begeleiden.
  • Met de anesthesist om te bepalen welke onderzoeken u moet ondergaan voor u geopereerd kunt worden en iendien nodig welke medicatie u wel of niet meer mag nemen voor de operatie.
  • Met de diëtist indien u op korte termijn veel gewicht verliest.
  • Met een bekkenbodemfysiotherapeut om een nieuwe plastechniek aan te leren en om de bekkenbodemspieren te verstevigen.

Tijdens de opname

U wordt de dag voor uw operatie opgenomen op de afdeling D4. 

  • U leert het gebruik van een triflow apparaatje aan, zodat u na de operatie ademhalingsoefeningen kunt doen om de kans op een longontsteking te verkleinen.
  • U krijgt voor de operatie een klein lavement om de endeldarm leeg te maken. De verpleegkundige scheert het operatiegebied indien nodig.
  • De verpleegkundige legt u uit wat en tot wanneer u nog mag eten en drinken.

Tijdens de operatie 

In de operatiezaal wordt er een katheter in een groot bloedvat in de hals, een infuus ter hoogte van de hand of pols en een maagsonde geplaatst. Deze maagsonde zal zo snel mogelijk na de operatie weer verwijderd worden. De ingreep zelf duurt gemiddeld 6 tot 7 uren.

Na de operatie

Verblijf

U verblijft meestal na de operatie tot de volgende dag op de PACU (post-anesthesie zorgafdeling). Soms kan u ook tijdelijk op de intensieve zorgen verblijven.

Voeding

Op de dag van de operatie kunt u nog niet eten en krijgt u vocht via een infuus. U heeft een maagsonde en mag kleine slokjes water drinken.

Een groot voordeel van de robotoperatie is dat de darmen veel sneller weer zullen werken. Hierdoor is het vaak mogelijk de maagsonde al na 24 tot 48 uur te verwijderen en kan u veel sneller weer starten met eten.

Operatiewonde

U kunt één of twee wonddrains hebben om urine, wond- en/ of lymfevocht af te voeren. Er wordt dagelijks beoordeeld wanneer deze drains kunnen verwijderd worden.

Na uw operatie heeft u een sonde in de plasbuis en een sonde doorheen de buikwand. Naast uw suprapubische sonde zitten er 2 splintjes of dunne buisjes. Deze zorgen ervoor dat de inhechting van de urineleiders in de nieuwe blaasconstructie goed kan genezen. Het verwijderen van de splints is niet pijnlijk. De arts bekijkt wanneer ze kunnen verwijderd worden. Meestal kan dit 7 tot 8 dagen na de operatie.

Pijnbestrijding

Na de operatie krijgt u pijnbestrijding. Geef op tijd aan dat u pijn heeft, zodat de pijn met medicatie onderdrukt kan worden. Een voordeel van de robottechniek is dat u minder pijn heeft en dat een pijnpomp niet nodig is.

Trombose

De antitrombosekousen draagt u 14 dagen. Deze kousen draagt u dag en nacht en doet u alleen uit om u te douchen.

U krijgt na de operatie tevens antitrombose spuitjes (Clexane®). Deze spuitjes dienen tot 4 weken na de operatie toegediend te worden. Meestal kan u dit zelf maar zo nodig kan ook de thuisverpleging hiervoor ingeschakeld worden.

Nazorg

U verblijft normaal gesproken circa 12 tot 14 dagen in het ziekenhuis. De totale verblijfsduur is afhankelijk van de snelheid waarmee u herstelt. Bij ontslag krijgt u een controleafspraak bij de uroloog.

De hechtingen worden na 14 dagen verwijderd. Dit gebeurt meestal op de raadpleging.

De sonde doorheen de plasbuis blijft 3 weken ter plaatse. Thuis moet uw blaas verder 1x per dag gespoeld worden door een thuisverpleegkundige. Dit is afhankelijk van de hoeveelheid vlokken in de urine.

Na 3 weken krijgt u een onderzoek van de blaas. Als het radiologisch onderzoek geen lekjes aan de nieuwgevormde blaas aantoont, kan de sonde verwijderd worden. Na het verwijderen van de sonde verblijft u gedurende één dag en één nacht in het ziekenhuis. Tijdens dit verblijf wordt er gekeken of u de blaas goed ledigt. De bekkenbodemfysiotherapeut herhaalt tijdens dat verblijf tezamen met u de techniek om de blaas leeg te maken.

Advies voor thuis

  • Na het verwijderen van de katheters is het belangrijk dat u overdag elke twee uur naar het toilet gaat. Ook ’s nachts moet u aanvankelijk uw wekker zetten om te gaan plassen.
  • Neem enkele weken voldoende rust. U kan zich nog lange tijd moe voelen.
  • Doe geen zware lichamelijke arbeid: sport niet en til geen zware voorwerpen gedurende 6 weken.
  • Fietsen wordt afgeraden de eerste 3 maanden na uw operatie.
  • Baden is niet toegestaan gedurende 4 weken, douchen wel.
  • Bij koorts (> 38,5 °C) neemt u best onmiddellijk contact op met de gespecialiseerd verpleegkundige of de dienst urologie (overdag).
  • Draag de steunkousen gedurende 2 weken overdag en ’s nachts.
  • Het heropstarten van antistollingsmiddelen (‘bloedverdunners’) mag enkel in overleg met uw uroloog. Normaal moet u tot 4 weken na de operatie bloedverdunnende injecties in de buik krijgen om trombose en eventuele longembolen te voorkomen.
  • Drink minstens 1,5 tot 2 liter water per dag.
  • Wacht bij pijnklachten niet te lang met het innemen van medicatie. U mag steeds paracetamol 1 gram om de 6 uren gebruiken.
  • Autorijden mag na de operatie zodra alle slangetjes verwijderd zijn (na overleg met de uroloog).
  • De eerste maanden na de operatie is het vaak niet prettig om een lange autorit of vliegreis te maken. U zit hierbij steeds in dezelfde houding. De eerste 6 weken na de operatie wordt een lange autorit of vliegreis zelfs afgeraden omwille van het verhoogd risico op ontwikkelen van trombose.
  • Het is verstandig uw werkzaamheden niet eerder dan 2 tot 6 maanden na de operatie te hervatten.
  • U heeft best steeds uw medisch paspoort (met uitleg over het reservoir) bij in geval van nood.

Klik hier om de brochure 'Cystectomie en neoblaas met robotchirurgie' te bekijken. 

Bekijk hier een filmpje over de opvolging bij een neoblaas, door dr. K. Fransis. 

Neoblaas: opvolging-Dr.K.Fransis from Bruno Mortelmans on Vimeo.

Laatst aangepast: 28 maart 2018
Auteur(s): Team urologische kanker