Kunstenaars lopen te lang met pijn rond.

Kunstenaars lopen te lang met pijn rond.

Datum: 
13/09/2016
Bron: 
De Standaard

Kunstenaars lopen te lang met pijn rond. Antwerp HeArts, een expertisecentrum voor artiesten met medische klachten, wil daar iets aan veranderen. 

Gehoorschade bij muzikanten, stemproblemen bij zangers of schouderpijn bij violisten: het is bijna part of the job. Dat hoeft nochtans niet zo te zijn, meent Nathalie Roussel, docente revalidatiewetenschappen en kinesitherapie aan de Universiteit Antwerpen en een van de oprichters van Antwerp HeArts, een expertisecentrum voor artiesten van de UAntwerpen en het Universitair Ziekenhuis Antwerpen.

Atleten hebben al langer hun eigen gespecialiseerde laboratoria om beter en pijnlozer hun passie te beoefenen. Als kunst topsport is, kunnen de kunstenaars niet achterblijven. 'Kunstenaars wachten te lang voor ze professionele hulp inroepen', zegt Roussel. 'Ze bevinden zich vaak in een kwetsbare positie omdat ze zelfstandige zijn. Open zijn over hun blessures, is daardoor nog steeds taboe.'

Bovendien zijn de klachten van een ballerina niet die van een cameraman of een tekenaar. 'Medische klachten van artiesten zijn meestal complex, en gaan vaak ­gepaard met stress en piekeren', vertelt Roussel. 'Wat kunstenaars ook typeert, is dat ze meestal op erg jonge leeftijd starten. Een violist die al op zijn derde begint te oefenen, is niet ongewoon. Een ballerina die tien à twintig uur per week oefent, is de norm. Door veeleisende houdingen en herhaaldelijke bewegingen raken hun gewrichten en spieren overbelast. Er bestaat wel gespecialiseerde hulp, maar die is te versnipperd.'

Antwerp HeArts wil alle expertise centraliseren. Professionele kunstenaars én amateurs met medische problemen kunnen bellen naar een vast nummer en worden na een screening behandeld door een team van experten, van kinesitherapeuten tot psychologen.

Het centrum wil daarnaast ook aan preventie en wetenschappelijk onderzoek doen. Daarvoor zal het structureel de banden aan­halen met de kunstensector. Zo werkt het bewegingslaboratorium van het UZA en UAntwerpen nu al samen met Jan Fabre en zijn performers, om beter te begrijpen hoe hun lichamen worden belast tijdens zijn theatervoorstellingen.

De weinige cijfers over kunstenaars en hun beroepsziekten die wel beschikbaar zijn, zijn veelzeggend. Liefst 94 procent van de professionele dansers raakt in de loop van zijn of haar carrière geblesseerd. En zo'n 93 procent van de beroepsmuzikanten heeft pijn tijdens het spelen.

Aan de grond

Ook beeldhouwer Ludwig Vandevelde verbeet al jaren de pijn in zijn rug toen hij zich in 2002 uiteindelijk een hernia sleurde aan een stuk hout van paar honderden kilo's. 'Beeldhouwers zijn de ­macho's van de beeldende kunst. Klagen over fysieke ongemakken doe je niet', vertelt hij. 'Ik was zelfs te laf om te zeggen wat er gebeurd was. Ik had een sculptuur over mee heen gekregen, zei ik dan.'

Er volgde een zware rugoperatie. En nog één. En nog één. Niets bracht verlichting, de pijn werd chronisch. 'Het was zo erg dat ik niet meer kon werken. Ik zat ­financieel aan de grond, mijn ­huwelijk ging eronderdoor. Ook mentaal was de pijn erg zwaar om te dragen. Omdat ik niet meer kon werken als beeldhouwer, verloor ik mijn identiteit: beeldhouwen was wie ik was. Ik raakte compleet sociaal geïsoleerd. Op den duur zat ik geestelijk en fysiek zo diep dat ik aan mijn huisarts euthanasie heb gevraagd. Antidepressiva. Acupunctuur. Zware pijnstillers. Voetreflexologie. Mindfulness. Medicinale cannabis. Drank. Ik had alles geprobeerd.'

Er kwam nog een laatste therapie. Andere medicatie en een ­aangepast dieet gecombineerd met yoga en meditatie brachten soelaas. 'Na veertien jaar zoeken ben ik nu voor tachtig procent van mijn pijn verlost. Nu ben ik een beloftevolle beeldhouwer van net geen zestig', zegt hij lachend.

Vandevelde geeft ook zelf les aan studenten beeldhouwen aan de Gentse School of Arts. Een goede rughygiëne is een van zijn stokpaardjes. 'Die machocultuur in de artistieke wereld moet er echt uit', zegt hij. 'Je hoort alleen de succesverhalen, nooit de afvallers. Het moet menselijker.'

En hij is weer aan het beeldhouwen. 'Ik heb mijn manier van werken en mijn atelier aangepast, met heftafels en ergonomische stoelen om mijn rug niet te be­lasten.' Binnenkort presenteert hij voor het eerst in veertien jaar ­opnieuw een publiek werk. 'Het komt in het nieuwe Gebouw M op de Campus Drie Eiken, waar de Antwerpse faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen zit. Dat leek me wel gepast.'

Blijf op de hoogte van nieuws in het UZA via Twitter @uzanieuws en Facebook