Coronavirus COVID-19

Informatie voor patiënten en bezoekers
Meer details Meer details

'Een bezoek aan de tandarts is pijnlijker'

'Een bezoek aan de tandarts is pijnlijker'

Datum: 
09/04/2021

Ook als voormalig topsporter kan je problemen krijgen aan je hart. Dat ondervond Jean-Marie Pfaff (67), ooit wereldkeeper van het jaar. Na maanden van vage klachten liet hij zich behandelen in het UZA. 

 

Jean-Marie Pfaff staat in ons collectief geheugen gegrift als de Beste keeper van België – en ver daarbuiten. Een sportman in hart en nieren en vandaag ambassadeur bij 7C Solarparken. ‘Ik heb altijd een goede conditie gehad. Maar de laatste maanden was ik heel kortademig wanneer ik een vriendschappelijke match speelde, en tijdens fietstochten raakte ik de laatste kilometers bijna niet meer vooruit. Ik voelde ook een druk op mijn borst.’ 

‘“Hoe komt dat nu toch?”, vroeg ik me vaak af. Maar lang stond ik daar niet bij stil. Gewoon wat meer trainen, dacht ik. Tot ik op een zondagmorgen aan de ontbijttafel zat met de hele familie. Ik kreeg hevige pijnscheuten in mijn borstkas die uitstraalden naar mijn rug en schouder. “De krachtpatser uitgehangen toen je in de tuin werkte zeker?”, vroeg Carmen lachend.’  

Vernauwde kransslagader

‘Kort na die zondag verjaarden de zoontjes van Lindsay, en dat feest wou ik niet missen. Familie gaat bij mij voor alles. Maar op woensdag heb ik dan toch de dokter gebeld. Ik nam contact op met professor Paelinck, omdat ik hem ken via het voetbal.’ 

‘Bernard – ik mag professor Paelinck bij zijn voornaam noemen – liet me meteen onderzoeken: fietstest, ECG, bloedafname … de hele rimram. Ik bleek een vernauwing aan de kransslagader te hebben. Een vrij ernstige diagnose, maar Bernard wist me direct gerust te stellen. Ze zouden een stent plaatsen met een katheter via mijn pols. Mijn borstkas hoefde dus niet opengesneden te worden.’

Gezellige babbel

De operatie was inderdaad veel minder ingrijpend dan Jean-Marie had gevreesd. ‘Ik herinner me nog dat ik professor Claeys, die de operatie uitvoerde, vroeg of de katheter aanbrengen pijn zou doen. “Die zit er al in”, antwoordde hij. De hele operatie heb ik kunnen volgen via de monitor – een soort tv-scherm – boven mijn hoofd, want ik was alleen plaatselijk verdoofd. Tijdens de ingreep konden we gezellig babbelen. Ik herinner me dat ik de professor vroeg hoe lang de stents zouden meegaan. “Heel je leven”, antwoordde hij. “Zal ik dan heel mijn leven aan jou moeten denken? Dat is wel heel lang”, zei ik lachend.’  

 ‘Op geen enkel moment heb ik pijn gevoeld. Een bezoek aan de tandarts is lastiger. Het enige wat vervelend aanvoelde, was het polsbandje dat ik de nacht erna moest dragen om de ader af te sluiten. Maar dat was geen echte pijn, meer een ongemakkelijk gevoel. Dat gevoel was achteraf ook snel vergeten. Een beetje zoals bij een vrouw die bevalt: als het kind er eenmaal is, smelten alle pijn en ongemak weg als sneeuw voor de zon.’ 

Geen risico meer

‘Zodra ik van de operatietafel stapte, voelde ik me kiplekker. De pijnscheuten, de druk op mijn borst: allemaal volledig weg. De professor geloofde me eerst niet. Onderweg naar mijn kamer was ik alweer luidop aan het babbelen met de verpleegster. Kelly, die me opwachtte, wist meteen dat de ingreep goed was verlopen (lacht). Ik moest wel nog één nachtje in het ziekenhuis blijven ter observatie, daarna mocht ik naar huis. Achteraf gezien had ik veel sneller op controle moeten gaan. Ik heb een enorm risico genomen door de consultatie uit te stellen.’

‘Vandaag let ik beter op mijn gezondheid. Ik ben nog altijd een bourgondiër, maar ik laat mijn wijntje al eens staan. En wanneer mijn lichaam signalen geeft, negeer ik die niet meer. Fietsen doe ik vooral op de hometrainer, dan kan ik stoppen wanneer ik wil. Het is niet omdat je ooit een topconditie hebt gehad, dat jou later niets meer kan overkomen. Dat besef ik nu maar al te goed.’ 

 

Blijf op de hoogte van nieuws in het UZA via Twitter @uzanieuws en Facebook