Coronavirus COVID-19

Informatie voor patiënten en bezoekers
Meer details Meer details

Cerebrale angiografie (bloedvatonderzoek van de hersenen)

Wat is een cerebrale angiografie?

Een cerebrale angiografie is een röntgenonderzoek van de hersenbloedvaten, waarbij contrastvloeistof wordt ingespoten via een katheter (dun slangetje) in de liesslagader. Een angiografie gebeurt onder plaatselijke verdoving en wordt uitgevoerd door de interventieradioloog op de dienst radiologie. Een angiografie is niet pijnlijk en duurt een half uur. 

 

Angiografie: katheteronderzoek van de bloedvaten vanuit de lies slagader. 

Waarom wordt een cerebrale angiografie uitgevoerd?

Een angiografie kan uitgevoerd worden om bloedvatafwijkingen op te sporen. Bij een bloeding kan een angiografie de mogelijke oorzaak van de bloeding opsporen en behandelen. Soms wordt het onderzoek uitgevoerd om de bloedvoorziening naar gezwellen te bestuderen.

Hoe verloopt een cerebrale angiografie in het UZA?  

Voor, tijdens en na

Afspraak maken en opname in het UZA

  • Maak een afspraak voor een angiografie op het nummer +32 3 821 48 48.
  • Meld je de avond voor de angiografie aan bij de inschrijfbalie op de dienst radiologie (route 143, 2e verdieping).

Belangrijk

  • Verwittig de arts of verpleegkundige als je zwanger bent of een allergie hebt (bijvoorbeeld voor contrastvloeistoffen). Als je allergisch bent aan contrastvloeistoffen, dan neem je avond voor de ingreep een tablet Medrol® (methylprednisolone) 32 mg. Die kan je krijgen aan het onthaal van de afdeling radiologie (route 143).
  • Overleg het gebruik van medicatie met je arts. Vermeld het zeker als je bloedverdunners gebruikt (zoals Aspirine, Ascal, Asaflow, Plavix, Ticlid, Marevan, Sintrom of Fraxiparine).De noodzakelijke medicatie mag je op de ochtend van de ingreep innemen.
  • Op de ochtend van het onderzoek mag je een licht ontbijt nemen.

Voorbereiding op de angiografie

  • Je krijgt een infuus in een ader in een arm. Via die weg kan er indien nodig medicatie toegediend worden.
  • Ga vlak voor het onderzoek naar het toilet: nadien moet je voor een lange tijd platliggen.
  • Je doet een onderzoekshemdje aan en wordt in je bed van de verpleegeenheid naar de angiokamer gebracht.

De angiografie zelf

De interventieradioloog voert de ingreep uit in de angiografiekamer (kamer voor bloedvatonderzoek) op de dienst radiologie. Het onderzoek duurt meestal een half uur en gebeurt onder plaatselijke verdoving.

  • In de angiokamer ga je op je rug op de onderzoekstafel liggen. Bij een cerebrale angiografie (onderzoek van hoofdbloedvaten) wordt je hoofd soms in een speciale hoofdsteun geplaatst.
  • De verpleegkundige scheert en ontsmet de lies.
  • De-interventieradioloog dekt je af met steriele lakens en geeft een verdovingsprik in de lies (plaatselijke verdoving).
  • De interventieradioloog schuift een kleine werkbuis in de liesslagader. Vervolgens brengt de arts een katheter (dun slangetje) in de slagader die hij via een heel dunne metalen draad opschuift. Dit is pijnloos. Zodra de katheter goed ligt kan de contraststof ingespoten worden en de foto’s van de hersenbloedvaten gemaakt worden. Je kan tijdelijk een warmtegevoel krijgen. Het is ook mogelijk dat je een prikkelend gevoel of duizeligheid ervaart, of lichtflitsen ziet. Lig zo stil mogelijk met je hoofd tijdens het maken van de foto’s, hou eventueel je adem in en slik niet.
  • Vervolgens verwijdert de interventieradioloog de katheter (dun slangetje) en het werkbuisje.
  • De prikplaats in de lies wordt minstens 10 minuten stevig dicht gedrukt.
     

Meestal zijn enkel de verdovingsprik voor het onderzoek en het afdrukken van de lies na het onderzoek onaangenaam. Soms kan de slagader pijnlijk aanvoelen, maar normaal gezien is het onderzoek pijnloos. Ervaar je pijn tijdens het onderzoek, meld het dan aan de arts.

Wat gebeurt er na het onderzoek?

Na de angiografie ga je terug naar de verpleegeenheid. Hier krijg je bedrust tot de volgende morgen. Direct na het onderzoek moet je minimaal 4 uur in bed blijven liggen met gestrekte benen.

Volg deze richtlijnen om een nabloeding te voorkomen:

  • Gebruik het been van de aangeprikte kant niet (plooi het been ook niet).
  • Gebruik zo weinig mogelijk je buikspieren (hoest of nies niet overdreven, stel een toiletbezoek uit of ga niet rechtop in bed zitten).
  • Na 4 uur mag je je draaien en keren in bed, maar je moet tot de volgende ochtend in bed blijven.
  • De dag na het onderzoek mag je niet met de auto rijden.
  • Doe eerste drie dagen na het onderzoek geen zware lichamelijke inspanning (sport, fietsen, lichamelijke arbeid op werk of in huis).
     

De arts bespreekt het resultaat van de angiografie met jou op dezelfde dag of de dag nadien, soms ook op de volgende raadpleging.

Wat zijn de mogelijke complicaties en risico’s?

  • Warmtegevoel, vreemde smaak, plasgevoel, kriebel in de keel of misselijkheid (door de contrastvloeistof). Dit verdwijnt vanzelf na enkele minuten.
  • Allergische reacties door het gebruik van contrastmiddelen en/of medicatie: roodheid, huiduitslag/-zwelling, heesheid, benauwdheid, niezen … (heel zelden)
  • Schadelijke effecten op de nieren (heel zelden, vooral bij mensen met een minder goede nierfunctie)
  • Nabloeding in de lies: blauwe plek en zwelling die binnen enkele weken vanzelf verdwijnt. (zeldzaam)

Bij allergie aan contraststof (jodiumallergie)

Moderne jodiumhoudende contrastmiddelen zijn veilige middelen, waarbij slechts zelden bijwerkingen voorkomen. Als je weet dat je overgevoelig of allergisch bent aan deze middelen, verwittig de verpleegkundige dan vóór aanvang van het onderzoek.

Als je last hebt van jodiumallergie, worden contrastonderzoeken enkel onder strikte voorwaarden uitgevoerd, met behulp van medicatie die de overgevoeligheid voor jodium onderdrukt. De voorbereiding duurt dan 24 uur. Het onderzoek zelf zal in dat geval niet op dezelfde dag uitgevoerd kunnen worden.

Wat als je niet aanwezig kan zijn?

Indien je om één of andere reden niet aanwezig kan zijn voor het onderzoek, neem je zo snel mogelijk contact op met de dienst radiologie. Dit kan via het telefoonnummer +32 3 821 38 03 of +32 3 821 46 37.  

Deze informatie werd laatst aangepast op dinsdag 15 september 2020 - 10:09
Auteur(s): Team