Huidcontact is de basis voor een beter leven

Datum: 
20/03/2017
Bron: 
De Standaard - 20 maart 2017

Wetenschappers en dokters kunnen het niet genoeg benadrukken: huid-op-huidcontact is van het uiterste belang voor pasgeborenen, en zeker voor prematuren. 

Er was een tijd dat baby's meteen na de geboorte werden weggenomen bij de ouders. Voldragen kinderen kregen na een wasbeurt kleertjes aan en werden onderzocht, vooraleer ze zich eindelijk in mama's of papa's armen mochten neervlijen. En dan nog werden ze vaak in aparte ruimtes te slapen gelegd. Voor premature baby's was er van snelle hechting al helemaal geen sprake: die moesten zonder dralen de couveuse in, om er nog amper uit te komen tot ze sterk genoeg waren om mee naar huis te mogen.

Het kan keren. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) reikt intussen certificaten uit aan 'babyvriendelijke ziekenhuizen', met als een van de (vele) voorwaarden dat baby's er onmiddellijk na de geboorte naakt (en ongewassen) op moeders of vaders borst worden gelegd. Moeders en baby's mogen niet - tenzij het medisch gezien niet anders kan - van elkaar gescheiden worden.

Gevoel

De richtlijn is gestoeld op steeds meer wetenschappelijk onderzoek dat het belang van huidcontact onderschrijft. De nieuwste studie stond vorige week in het vakblad Current Biology. In een ziekenhuis in Nashville in de VS werd de hersenactiviteit van 125 baby's gemeten. Het ging om een vijftigtal voldragen kinderen, en de rest te vroeg geboren. De onderzoekers gingen na hoe het brein van de kleintjes reageerde op een uiterst lichte aanraking ter hoogte van de hand. Bleek dat de voldragen pasgeborenen meer hersenactiviteit vertoonden dan de prematuren die naar huis mochten. Anders gezegd: op eenzelfde leeftijd hebben voldragen baby's meer gevoel ontwikkeld.

Maar binnen de groep van prematuren was er nog een groot verschil. De kindjes die het vaakst menselijke warmte kregen - huid-op-huidcontact, borstvoeding, 'handoplegging' - ontwikkelden op hun beurt meer gevoel dan kindjes die het met minder moesten stellen. Prematuren die een pijnlijke behandeling moesten ondergaan, waren nog slechter af.

Hoewel het om subtiele verschillen lijkt te gaan - de baby's leren op termijn allemaal wel wat een aanraking is - stellen de onderzoekers dat de hersenontwikkeling in de eerste levensweken een invloed heeft op het leervermogen en de emotionele ontplooiing in de volgende jaren, en in feite op het hele leven. Om de al belaste prematuren zo goed mogelijk op weg te helpen, is menselijke warmte een must, klinkt de conclusie.

Estafette

De bevindingen verrassen Ronald Vermeulen niet. Hij is hoofdverpleger op de afdeling neonatologie van het UZ Antwerpen, een door de WHO gecertificeerd 'babyvriendelijk ziekenhuis'. 'Het belang van huid-op-huidcontact stellen we al lang niet meer in vraag. We zien het met eigen ogen: bij meer contact ontwikkelen ze zich beter, neemt hun gewicht meer toe, is de hoofdomtrek groter, zijn ze minder vaak ziek,... Het mag dan soms een opgave zijn om een prematuur baby'tje met sensoren, slangetjes, infusen en beademing uit de couveuse te halen en op de moeder te leggen, toch zetten we door.'

Ooit hoopt het UZ Antwerpen zo ver te gaan als het Universitair Kinderziekenhuis in het Zweedse Uppsala, waar prematuren - zolang het medisch mogelijk is - 24 uur op 24, 7 dagen op 7 in contact zijn met de huid van mama, papa, maar ook van broers, zussen en grootouders. Een beurtrol om die permanente zorg mogelijk te maken.

Het mag dan soms een opgave zijn om een prematuur baby'tje met sensoren, slangetjes, infusen en beademing uit de couveuse te halen en op de moeder te leggen, toch zetten we door.' - Ronald Vermeulen, hoofdverpleegkundige neonatologie UZA

'Huidcontact is bij ons voorlopig slechts een “moment”, van een uur of hooguit enkele uren. Maar we willen naar het Zweedse model, waar de couveuse de uitzondering en niet de regel is', zegt Vermeulen. 'Helaas stuitten we voorlopig nog op enkele praktische maar vooral op maatschappelijke beperkingen. In tegenstelling tot in Zweden krijgen vaders hier onvoldoende verlof om kangoeroezorg (zoals het permanente huidcontact heet, red.) mogelijk te maken. Ik word er een beetje opstandig van, wanneer blijkt dat ouders hier onvoldoende kunnen zijn omdat ze gedwongen worden te blijven werken. Met zeven procent prematuren is het maatschappelijk belang van de eerste hechting groter dan politici lijken te beseffen.'

Lotte Alsteens - De Standaard

 

Blijf op de hoogte van nieuws in het UZA via Twitter @uzanieuws en Facebook